Het project, “Met ’t Wandelhuis de landsgrens langs”

 

“Ik moet even opladen,” zeggen mensen steeds vaker. Het lijkt alsof er massaal een energietekort te kort is. Vooral in de stedelijke gebieden is dit het ergst. Langs de landsgrens is het leven gemoedelijker, waar meer ruimte is en de economie zijn stempel minder sterk drukt op mens en natuur. Al lopen dorpen leeg en worden boeren al decennia lang gedwongen tot schaalvergroting, er zijn nog steeds gebieden waar kleinschaligheid de boventoon voert, en er zijn plekken waar de oude DNA structuur van het land nog steeds de dagelijkse gang bepaalt van de mensen die er wonen. Dat hoop ik!

Hoewel, loopt het platteland nog steeds leeg? Misschien zijn er steeds meer mensen die de stad ontvluchten of iets heel nieuws willen beginnen. Ik weet het niet. Ik ga op verkenningstocht. We leven in een tijd dat het hart van de samenleving wordt uitgehold en mensen zoeken steeds meer de grenzen op om iets nieuws te ontwikkelen. Ik wil die grenzen zien. Ik weet nog niet wat ik zal tegenkomen. Maar het wordt, hoe dan ook, een grondig onderzoek, met verhalen, portretten, filmpjes en tekeningen. Ik hoop met mijn tekenwerk het platteland te kunnen weergeven en de mensen die ik tegenkom. Net zo mooi als Wilhelm Otto Peters, of Anna Ancher? 

Er zijn zoveel kunstenaars die op ontroerend mooie wijze het land hebben weergegeven. Ik ga op pad met de intentie dat die inspiratie ook in Nederland te vinden is, nog altijd! En daarom ga ik langzaam de grens af. Mijn mover laat ik 3 km per uur rijden en  maximaal 10 km per dag. Ik zal de accu’s laden met mijn eigen zonnepanelen. Ik zal lang niet elke dag trekken en ook af en toe ergens blijven om naar de verhalen te luisteren van mensen en hun plek. Ik wil graag de tijd nemen om met hen samen te werken of te spelen.

Om het tempo gestaag te houden, daar is discipline voor nodig. Mensen gaan steeds sneller. Dat zal mij niet gebeuren. Mijn elektrotrekker gaat voort met zo’n constante snelheid dat het geluid van mijn voetstappen klinkt als een metronoom. Aandacht voor wat is, het vasthouden van mijn tempo, het is een discipline waar ik in dit project werk en kunst van maak. Mijn oude vader van bijna 90 moet het kunnen blijven volgen, zonder in paniek te raken dat zijn dochter aan de wandel is.

Wat ik doe is een kleurrijk wandelprotest tegen de rotgang der dingen. Ik loop met de energie die tot mijn beschikking is en houd het klein. Een enorme voldoening komt echter uit alles  wat ik in die traagheid ontmoet, de mensen, landschappen die ik zie, de wind die waait langs mijn wangen. De voldoening daarin komt rechtstreeks uit het hart en de energie die dat geeft is niet te meten.

Ik hoop dat ik door mijn authenticiteit de mensen onderweg iets mee kan geven, iets wat ik niet kan voorspellen, een soort hoop of bekrachtiging dat het mogelijk is om een ideaal te verwezenlijken. Zoals de filosofe Susan Neiman zegt: “Het echte leven is niet: wees realistisch. Maar het besef dat idealen een eigen werkelijkheid hebben, die, als genoeg mensen zich erachter scharen, bergen kan verzetten.”

 

Kome wat komt.

 

 

..

Vithaka

Wanneer je je reis naar Ithaca aanvangt,
bid dan dat de weg lang mag zijn,
vol avontuur, rijk aan stof tot kennis.
Wees niet bang voor de Lestrygonen
en de Cyclopen en de toornige Poseidon.
Je zult volk van dat soort nooit tegenkomen zolang
je gedachten verheven blijven en
fier gevoel je lichaam en geest vervult.
Je zult de Lestrygonen nooit ontmoeten,
noch de Cyclopen en de grimmige Poseidon,
als je ze niet in je ziel met je meedraagt,
als je ziel ze niet voor je oproept.

Daarom, bid dat de weg lang mag zijn,
dat het vele zomerochtenden moge geven,
dat je zo vol vreugde, zo vol genot
nooit eerder geziene havens aandoen mag!
Blijf rondhangen op Phoenicische markten
en koop er vele schone zaken:
parelmoer en koralen, amber en ebbenhout
en zoetgeurende parfums van allerlei soort.
Koop zoveel zoetgeurende parfums als je kunt.
Bezoek massa’s Egyptische steden,
om er te leren, te leren van hen die kennis bezitten.

Houd je geestesoog steeds vast op Ithaca gericht,
daar te komen is je uiteindelijke doel.
Maar haast je vooral niet,
je reis kan beter jaren en jaren duren.
Werp er desnoods pas het anker uit wanneer je al oud bent,
rijk aan alles wat je onderweg hebt verworven,
maar zonder nog iets van Ithaca te verwachten.
Ithaca schonk je die heerlijke reis,
maar nu heeft ze je niets meer te geven.
En al tref je er niets aan, dan heeft ze je toch niet bedrogen:
met alle wijsheid die je vergaard hebt, met zoveel ervaring,
begrijp je dan stellig wat Ithaca’s zeggen willen.

Konstantinos P. Kaváfis