Moet je eerst tussen de indianen leven om de band met de Aarde en elkaar te herstellen?
.

In de nok van mijn wagen is een heilig plekje. Het vormt een symbool voor de achtergrond van dit verhaal.
Soms speelt de verleiding om op ontdekkingstocht te gaan. Een droom die al lokt sinds mijn jeugd. Landen zien waar ik van lees. Ik zie mensen rondgaan met verhalen over een indrukwekkend verblijf bij indianenstammen. Zou ik dat ook niet willen? Er zijn er genoeg die het doen. Wat voor verlangen is dat, wat hier kennelijk niet te bevredigen is?
De vraag laat me nog niet los. Ik lees verder over diverse stammen in Noord Amerika, en hoe zij naar de wereld kijken. Er is herkenning. Maar moet ik er dan ook heen? Er zijn mensen die een tijd leven in een stam en dan terugkeren met een indiaanse naam. Na een tijd tussen hen te hebben geleefd zijn ze erkend als “Indiaanse ziel”. Er zijn verschillende manieren, waarop indianen anderen erkennen als verwanten. Er zijn stammen in Noord Amerika, die vinden dat je voor een bepaald procent indiaanse genen moet hebben om indiaan te zijn. Maar er zijn ook veel traditionele indianen die dat soort sommetjes maar een westerse uitvinding vinden. Ze vinden het belangrijker dat je een band beleeft met de familie, clan of stam. Bij zulke stammen zul je wellicht een warm welkom vinden. In een langdurig bezoek kan je voor het eerst het gevoel hebben opgenomen te zijn in een gemeenschap. Misschien kom je dan met een glimmend gezicht terug, herboren met een nieuwe naam. “Toen ik bij hen in die zweethut zat had ik het gevoel thuis te komen.” Misschien is dat het, wat we hier missen. De band met elkaar, de terugkerende rituelen. Stel dat het zo is, dat erkenning door een Indiaanse stam werkt als een soort zielsdiploma. Met een nieuwe naam die vertelt dat je als mens je volledig inzet voor de aarde en alles wat daarop leeft. Een band die verder gaat dan die van directe familie. Ten slotte zijn velen op zoek naar die verbondenheid. Dit is een tijd waarop veel families uit elkaar geslagen zijn, hier én daar. Vooral voor hen is het leven hard. Na 1890 werden indianen niet meer vermoord, maar geestelijk kapot gemaakt. Kinderen zijn bij hun ouders weggehaald of onder grote beloften weggelokt en op kostscholen beland. Er was veel misbruik en geweld en een totaal gebrek aan genegenheid. De trauma’s zorgen ervoor dat ze geen band meer kunnen aangaan met wie dan ook en huiselijk geweld zet zich voort in hun kinderen. Het is heel wat je daaraan te ontworstelen. In ons eigen continent hebben we heel andere oorzaken van verwijdering: Individualisme, te grote verwachtingen, te hoge eisen die worden gesteld aan leven en werk. Allemaal zijn we op zoek naar manieren om ons te bevrijden en om weer thuis te komen. Hoe kunnen we de banden herstellen met moeder Aarde en elkaar?
Ik kan wel begrijpen dat iemand zich voor een tijdje wil warmen in een oude traditionele gemeenschap rijk aan menselijke en spirituele waarden. Maar dat moet hier toch ook kunnen! Ik lees over hen, en leef me in. Ik begrijp het en voel het: leven vanuit eenvoud en bescheidenheid, met respect voor wat is. En als ik op die manier verwantschap voel met deze oude volkeren, waarom zou ik er dan naar toe gaan? Voor erkenning wie je echt bent? Het gaat toch in de eerste plaats om het hier weer terug te krijgen, een warmhartige samenleving, de Aarde, het groeien van een gezonde bodem. De vraag is: Hoe begin je. Misschien ben je eerst alleen, maar komt er later meer uit voort. Zo heeft het urenlange werk in mijn eentje met zeis en sikkel mij op een idee gebracht: Misschien is het mogelijk een zeisbrigade op te zetten. Mijn buurman wil graag meedoen, “Misschien kunnen we klompen gaan maken met ons eigen embleem erop” zegt hij. Een eigen stam, maar dan in Friesland. Als je iets wil, moet je er om te beginnen niet alleen in staan. Het is goed als er anderen zijn, die zich oude waarden herinneren.
We moeten terugkijken om te weten hoe het was. Ook wij hebben tradities in gemeenschappelijke banden. We hoeven daarvoor niet per se naar een verre Indiaanse stam. Ook wij hadden rituelen en eeuwenoude seizoensfeesten. Hele groepen werkten vroeger samen. Als het maaitijd was in het weidegebied, dan werkte de hele familie mee en ook anderen. Als het lunchtijd was, dan kwam oma met een grote kan koffie en roggebrood met spek of kaas. Nu moet oma zeventig euro per maand betalen voor koekjes bij de thee, in het bejaardentehuis. Het land smeedde banden tussen mensen. De warmte en de samenhang is zoek. Dit terug te brengen is het thema voor ons en onze kinderen.
In die andere werkelijkheid valt spiritualiteit en politiek samen. Een echte leider leeft bij het spirituele Lakotavolk volgens zeven waarden: Gebed, respect, zorg en medeleven, oprechtheid en eerlijkheid, generositeit, bescheidenheid en wijsheid. Hierin voor elkaar een voorbeeld te zijn. Daar begint herstel, Misschien gaan er nog enkele generaties overheen, voor het zover is. Maar ik werk mee aan de transitie, zolang als ik er ben.
.
Dit verhaal is een verkorte versie van een paar pagina’s uit het nog niet gepubliceerde boek: De heilige traagheid der dingen.
Ik doe met je mee. Het zijn precies die waarden die het belangrijkst zijn.
LikeGeliked door 1 persoon