Verbondenheid kent geen grenzen. Nog steeds voel ik me verbonden met de Domstad, waar ik allang niet meer woon, maar vanwaar een gek verhaal naar me toe kwam. Onenigheid over een vies beeldje. Daar gaat het over. Ik herken de plek maar wat goed.
.

.
Liever luisteren? Klik op de knop onderaan de tekst.
.
Je kan verbonden blijven met een plek, al ben je er niet meer. Iets dat je ooit geraakt heeft maakt een lijntje naar alles wie en wat je bent en ook nog daaromheen. Je hoeft het maar even te noemen, even te beroeren of het komt vanzelf naar je toe, op een of andere wijze. Misschien sta je er niet eens bij stil, gaat het ongemerkt aan je voorbij. Maar als je erop bedacht bent is het net een cadeautje.
Het is vooral de laatste tijd dat ik voel hoe ik verbonden ben met de levende geschiedenis van de oude stad Utrecht. Het zijn de grachten, de singels waar ik jarenlang rondvoer en verhalen vertelde over de stad. Ik herinner me welke nesten er waren van futen en meerkoeten. Waar welke stenen uit de kade waren weggevallen en dat daar altijd kleine eendjes op de kant klommen om zich een voor een bij moedereend te scharen. Ik herinner me het donker onder de bruggen, de duiven die daar waren en die ene werfkelder die altijd openstond en waar een enorme hoop duivenpoep in lag. Maar de mooiste herinneringen zijn de stiekumme tochtjes door de Kromme Nieuwgracht en langs Pausdam en de Drift. Dat mocht eigenlijk niet, het is al decennialang verboden om daar op de motor te varen. Maar iemand die altijd braaf is, daar zit geen pit in. Dus soms deden we het toch. We voeren de smalle gracht in, met de oude muren die vlak langs onze tuindersvlet voorbij gingen. Majestueuze platanen op piepkleine werfjes, zo klein, dat er niet eens een trap naartoe leidt. Bestrating die steeds verder uit elkaar wordt gedrukt door dikke wortels die almaar doorgroeien. En dan kwamen we bij de bocht. Daar is het zo smal dat er ook geen werven meer zijn. De huizen grenzen direct aan het water en ook de straat boven ons. Daar was het. Het meest ondeugende van dit kleine avontuur en de kers op de taart. Onder de lantaarns zijn namelijk kleine beeldhouwwerkjes te zien, lantaarnconsoles genoemd. Er zijn er heel veel, door de hele stad zijn ze te vinden. Ook hier in dit smalle grachtje. Hoewel niemand ze kan zien vanaf de straat, en er eigenlijk alleen maar kano’s komen, zijn hier de zeven deugden en de zeven ondeugden te zien, op geheel eigen wijze geïnterpreteerd door de kunstenaar. Het mooiste zijn de zeven zonden: Hebzucht, hoogmoed, afgunst, gierigheid, woede en traagheid. Maar vooral keken wij uit naar die ene: De wellust. “Alles is te zien!” riep mijn lief dan triomfantelijk terwijl hij met een krachtige beweging de scheepsschroef in zijn achteruit zette. Twee welgevormde borsten staken vanaf de oude muur naar voren met daar tussen in een vulva waarin zelfs de clitoris heel precies was uitgehakt. En wat eerst een hoofd lijkt te zijn, blijkt toch iets anders als je beter kijkt. Met grote ogen keken onze gasten naar dit beeld, waar de beeldhouwer vast veel plezier aan heeft beleefd. Het is een glasheldere herinnering.
Nu woon ik in Bears, in Friesland, bij Leeuwarden. Er is een koude oostenwind. Iedereen zit binnen, af en toe komt er iemand langs met een dikke muts op. De vogels schuilen in mijn pas aangelegde houtwal en de velden zijn bevroren. Terwijl ik in gedachten door Utrecht dwaal bij de warme kachel, komen de twee nieuwe bewoners terug, Han en Cora. We ontmoeten elkaar die middag bij de maandelijkse vergadering. Ze zijn naar Utrecht geweest, zo blijkt. Zij hebben daar ook gewoond en keren nog regelmatig terug. “Moet je horen,” zegt Han. “Ze hebben die beeldjes weggehaald bij Pausdam, die onder de lantaarns zijn gemetseld.” Ik begrijp meteen wat hij bedoelt. “Je bedoelt toch niet de zeven deugden en ondeugden? De wellust! Alles staat erop!” Ja het gaat inderdaad vooral om dat beeldje met die borsten. Nieuwe, jonge en rijke bewoners vonden het ongepast. De gemeenteraad heeft erover vergaderd en kozen ervoor alle veertien lantaarnconsoles weg te halen. Maar daarmee hadden ze geen rekening gehouden met de oude bewoners, die erg gehecht bleken te zijn aan de rijke historische kunst in hun buurt. Ze zijn naar de rechter gestapt en nou moet de gemeente ze weer terugzetten. We luisteren geboeid. Er is verbazing, verontwaardiging en er wordt gelachen. Het is een mooi verhaal. Verwonderd ben ik, dat het zomaar naar me toe komt, nota bene hier in Friesland, ver weg van de Domstad. Het is een knipoog van de stad waar ik nog steeds van houd. En velen met mij. Zo blijkt maar weer. Gelukkig maar. Geschiedenis mag je niet verstoppen. Ook niet de ondeugende.
Nu vraag ik me alleen af: Is hier ook een krantenartikel of een blog over geschreven? Graag hoor ik daar meer van.
.













