Zeulen voor een gevulde keuken

.

 

Een duurzaam en eenvoudig leven, je moet er wat voor over hebben. Maar ik vandaag train ik mijn spieren en het vermogen om met tegenslagen om te gaan. En uiteindelijk is de beloning groot. Ze mogen denken dat ik een zwerver ben, van binnen ben ik rijk.

.

Ik sluit de deur. Achter me klinken pianoklanken, de volgende leerling is al bezig. Mijn pianoles is nu afgelopen. Ik loop naar mijn fiets en kijk naar de fietskar. Die moet nu worden gevuld met boodschappen. Ik heb bijna tien kilometer gefietst naar de pianoles en dan is het handig om zaken te combineren. Ik voel in mijn zakken. Die voelen akelig leeg. Shit. Portemonnee vergeten, hij ligt nog op de vensterbank. Ik blaas de donderwolk opzij, die zich boven mijn hoofd begint samen te pakken. Het is zoals het is. Morgen is er weer een kans. En dan ga ik met de bus. Dat scheelt weer een lang eind fietsen met al die bagage, tegen de harde wind in.

De volgende dag fiets ik met rugzak op naar de bushalte. Achter mijn fiets hobbelt het karretje, daar kan ik straks de volle vracht in droppen. Ik parkeer de fiets met de kar bij de halte. De wind is hard en koud, ik ben blij als ik in de warme bus kan stappen.
In Leeuwarden trek ik de riemen van mijn rugzak strakker aan en loop eerst naar een koffietentje om mezelf te verwennen. Als ik met een volle kop Latte Machiato naar een leeg tafeltje loop, zit het gevaarte op mijn rug wel wat in de weg, de tafeltjes staan dicht op elkaar voor zoveel mogelijk klandizie. Een stel kijkt me verstoord aan. “Dank u wel dat ik er even langs mag,” lach ik met mijn vriendelijkste glimlach. Het maakt niks uit. Ze kijken zuur naar de grote rugzak.

Ik loop door naar de Ecowinkel. Ik koop zoveel groente, fruit, pompoenpitten en rozijnen, dat ik mijn rugzak nog net op mijn rug kan hijsen. Ik gesp het riempje op mijn borst dicht en trek de buikriem strak. Het gaat net. Mijn chique wijde jas wordt tot een frommeltje samengeperst, mijn mooie grote sjaal zit onder de riem gepropt tegen de druk van het insnoeren. Als een molenpaard tors ik het gewicht, loop stapvoets terug naar het busstation en kijk niet op of om.
Opeens hoor ik achter me twee jongens grinniken. “Heeft u wèl geld gehad?” Ik begrijp het eerst niet en antwoord het eerste wat in me op komt: “Ik heb een voorraad eten in geslagen. Dat zit in mijn rugzak.”
Hun respons klinkt verontwaardigd. “Ja wij willen ook graag eten, maar we hebben geen geld!”
Ik zeg dat ik dat heel rot voor ze vind en kijk ze verbaasd na. Kennelijk zien ze in mij een gelijke, een vrouw van de straat, zeulend met al haar bezit. Geen welvarend mens gaat lopen sjouwen met zo’n ding, al zit hij nog zo vol met dure biogroente. Ze lopen me in snel tempo voorbij. Het is niet aan ze af te zien, dat het jongens van de straat zijn. Ze zijn jong en vrolijk en goed gekleed. Ik zie er meer uit als een zwerver dan zij, kromgebogen met mijn vracht op de rug, in mijn verfrommelde jas. En dat alles voor een duurzaam en eenvoudig leven. Je moet er wat voor over hebben. Maar ik train mijn spieren en het vermogen om met tegenslagen om te gaan. En uiteindelijk is de beloning groot.

Als ik thuis ben maak ik de lekkerste yoghurt klaar die ik ooit heb gehad, met een heerlijk cox appeltje er in, een likje honing, rozijnen en een toefje kaneel. Helemaal gelukkig steek ik de lepel in mijn mond. Alles waar je moeite voor doet, smaakt driedubbel zo lekker. Als ik dan toch een zwerver ben, dan wel eentje die best geboft heeft.

.

Ook als ik straks onderweg ben, zal ik er rekening mee moeten houden op de juiste momenten voorraden in te slaan. De voordelen van de stad zijn dan ver weg. Maar wie weet welke verrassingen langs de kant van de weg te vinden zijn. In Friesland en Groningen kan ik zien wat ik aan eetbaars in de berm vind. Verder naar het zuiden, waar steeds meer begroeiing is, zijn ook meer kraampjes langs de weg, waar voedsel verkrijgbaar is. Maar zo ver kom ik dit jaar vast nog niet, want ik begin heeeeeel langzaam.

.

 

Snotterig maar goed gestemd

.

.

Hartstikke verkouden ben ik. Slap als een washandje hang ik op de bank, terwijl de oostenwind hard tegen de voordeur blaast. Het doek dat ervoor hangt beweegt zachtjes in de tocht. Ondanks mijn gesnotter, geniet van het gedachteloze zijn. Tevreden drink ik een slok van mijn verse kruidenthee. Ik geef me over aan het geluid van de wind en mijn lichaam dat zich los heeft gemaakt de drukke buitenwereld.

Het begint bij een slechte weerstand. De symptomen zijn duidelijk. De afgelopen tijd kon ik voor me uit staren zonder iets te zien. Kon ik bij mezelf denken, waarom doe ik dit allemaal en waar leidt het toe? Loop ik daar straks in mijn eentje door het land, wat een lol, haha. Mijn haar hing even futloos langs mijn hoofd als ik me voelde.
“Kom op,” probeerde ik mezelf op te peppen, “ Het zijn toch mooie vooruitzichten!” “Ach,” zei een sombere stem vanuit een stoffig hoekje van mijn geest, “Er zit toch niemand op me te wachten.”

Die somberheid verdween als sneeuw voor de zon, toen ik een uitnodiging kreeg van een bloglezer. Als ik op pad zou gaan, zou ik onderweg best een paar weken in hun weitje mogen staan, aan het water. Een golf van blijdschap en vertrouwen spoelde alle naargeestigheid weg, sneller dan welke zuiveringsthee dat ook kon doen. En er kwam nog meer. Pal daarop kreeg ik een afbeelding van een prachtig schilderij toegestuurd. Ik wist meteen van wie het was. Het was van die jonge vrouw met die zwarte krullen, die met glimmende ogen zat te luisteren, die ene magische avond dat ik het verhaal vertelde, bij de drie vuren. Ze was erdoor geïnspireerd geraakt en dit was het resultaat. Ik was ademloos. Wat een zegeningen.

Dit zijn geweldige cadeaus. Maar er is nog iets, wat me goed gestemd kan maken, iets waar ik zelf voor kan zorgen. Dat ontdek opnieuw, nu ik snotterig op de bank lig. Het draait doodsimpel om goede voeding. En in mijn geval, nu op dit moment: extra vitamine D. Elke keer word ik verrast door het effect ervan. Zodra ik eieren, boter en kaas toevoeg in mijn menu, voel ik me helderder, kan ik al het muffe stof naar buiten vegen. En als je dan weer buiten loopt en de lage herfstzon op je gezicht schijnt, dan lacht het leven je weer toe. Soms is het leven niet zo moeilijk!

We vergeten het vaak in de drukte van de dag, hoe belangrijk voedzaam en smaakvol voedsel is en het genieten van wat is. En hoe we eigenlijk gemaakt zijn voor beweging en ritme in ons lijf en om buiten te zijn. We zijn nog altijd etende en poepende Aardbewoners, kleine mensjes onder de wijde hemel. Hoeveel er ook in onze kop omgaat en hoeveel er ook verandert.

.

PS Betreft de vitamine D: Er zijn ook vitaminepillen zonder rotzooi er in. Ik slik een pil zodra mijn energie sterk afneemt en dit is naarmate de winterse duisternis toeneemt. Het helpt bij mij onmiddellijk.

Met de hartelijke groet aan Bernadette, die het nu zonder man moet stellen, nu hij voor een half jaar naar Afrika vertrekt, voor het project “Fit for learning”.  Dapper allebei!

.

.

https://sofiaesmeralda.files.wordpress.com/2018/11/img_9011.jpg?w=300&h=225

https://sofiaesmeralda.me/

 

.