Luisteren en kijken naar insecten in de bosjes. Alles wat aandacht krijgt groeit. En dat is voor de insecten hard nodig. Wij willen meer! In aantal en verscheidenheid. Kijken kun je overal. Samen in een groot bos of in je eentje achter je eigen huis. Zelf een wilg planten kan natuurlijk ook. Of andere aantrekkelijke bloeiers zonder pesticiden.

“Laten we dit vaker doen! Met elkaar het bos in gaan om insecten te zoeken.” Het is een dertiger die dat zegt. Met zijn zevenen staan we bij een bosje naast het water. Geen bijzonder bos, gewoon een groepje wilgen en populieren naast een drukke verkeersweg. De wilg, gewoon en toch zo bijzonder. Aan de overkant is de MacDonalds. Jerre Wiersma heeft ons meegenomen, van de Insectenwerkgroep Friesland. Er zijn mensen van zijn werk, de jonge directeur van het uitzendbureau en zijn vrouw. De vrouw is huiverig voor beestjes. Hier hoopt ze op andere gedachten te worden gebracht. Dat lukt aardig geloof ik, al meerdere keren heeft ze zich geuit in verraste kreten over dingen die ze nooit geweten heeft. En nu zegt haar man ook nog dat hij het voor herhaling vatbaar vindt. Ze kijkt verwachtingsvol naar het antwoord van Jerre. “Het bos in met elkaar is leuk” zegt Jerre “Maar het is effectiever om het in je eigen buurt te doen, bij een bosje waar je vaak langs komt. Dat hoeft niet eens groot te zijn. Als je dat regelmatig doet, dan zie je veel meer en dat kunnen we dan met elkaar delen.” De man kijkt enigszins teleurgesteld. In zijn eentje thuis vindt hij wellicht veel minder leuk. Of misschien heeft hij daar helemaal geen leuke bosjes. “Maar het kan best allebei hoor!” zegt Jerre “We hebben het er nog wel over, hoe en wat.” De man glimlacht tevreden. Het volgende moment vangt Jerre iets in zijn netje. Het is een gitje, die tussen de wilgen ronddwaalt, in de luwte. Daarvan zijn er een heleboel soorten en ze houden van water in de buurt. “De larven zitten in plantenstengels en ze komen eruit als zweefvlieg. Met de zweefvliegen gaat het nog slechter dan met de bijen. Wel vijfenzeventig procent is verdwenen.” vertelt Jerre. “Ze zijn kennelijk nog gevoeliger voor pesticiden dan bijen. Ik richt me nu speciaal op zweefvliegen,”zegt Jerre, “Dat is het meest nodig.” De vlieg is uit het net gekropen en is alweer gevlogen. Maar vlakbij zit een nog mooiere, ook een zweefvlieg, met gele en zwarte strepen als een wesp. Hij vertelt hoe hij heet, maar ik heb geen pen bij me om het op te schrijven en een tekening te maken. De volgende keer neem ik een schetsboekje mee, besluit ik. Want ik ga dit vaker doen..
Wat boeit er nou eigenlijk zo aan insecten? Het zijn tenslotte maar kleine beestjes en ze zingen niet zoals vogels. Maar ondertussen zijn ze O zo belangrijk. Veel vogels eten insecten. Zelfs wespen worden gegeten, vooral als de grond in augustus te hard en droog is om wormen te vinden. En als je er goed naar kijkt blijken er prachtige soorten te zijn, of juist heel monsterachtig als je ze met een vergrootglas bekijkt. Sommige zijn zo verbazingwekkend klein dat je ze niet eens kan zien. En al zingen ze niet, ze zoemen wel en er zijn zandbijtjes die allemaal een andere geur hebben. Sommigen doen zenuwachtig, anderen zijn wat luier. Maar wat mij ook interesseert: Inheemse wilde insecten zijn vaak gericht op bepaalde planten. Soms zijn ze helemaal afhankelijk van een bepaalde soort. En omdat ik een planter ben, wil ik graag weten wie er gebruik maakt van wat ik in dit land laat groeien. Het geeft me een voldaan gevoel als de bloemen en bloesems worden bezocht. En als ik de gitjes een huis kan geven voor hun larven dan is dat toch mooi. Ik begrijp Jerre wel, als hij zegt dat het interessanter is om in je eigen buurt te kijken, op steeds dezelfde plek. Het wordt een verhaal, dat bij je hoort. En langzaamaan leer je steeds meer inzien hoe dingen in elkaar steken. Daarom heet mijn project ook het Verhalenpad. Het gaat niet om de verhalen van mensen, die zijn er al genoeg. Het gaat om verhalen van de dieren zelf en hoe wij ermee omgaan. Ik gebruik ook enkele kunst grepen. Langs het Verhalenpad heb ik twee pompen op zonne-energie. Ze liggen in de sloot. Een ervan vult constant een aantal kuilen, vanaf de bult steeds lager, die dan overlopen in de greppel. Daar blijft altijd een laagje staan, voor het de sloot in loopt. De boterbloemen zijn er hoog opgegroeid met grote bladeren. Wilgenroosjes verdringen zich om de eerste te zijn. Het is een prachtige plek. Wat zal er nog meer gebeuren? Zullen hier veel gitjes komen te wonen? En kikkers? Alles is met elkaar verbonden, en insecten zijn een belangrijke schakel. En terwijl ze vliegen van boom tot boom, bestuiven ze mijn kersen, appels en peren. Wellicht is het een mooie uitdaging, om met elkaar het kleinste en meest kwetsbare te onderzoeken, ons erover te verwonderen en het met elkaar te delen. Overal zijn natuurverhalen, maar je kunt ze nooit allemaal volgen. Dat gaat het beste thuis. Heel vertrouwd en om de hoek. Als meer mensen dat doen, dan kunnen we op een gegeven moment bij elkaar langs gaan, en dan kan ieder een voor een vertellen welke verhalen er groeien op zijn of haar land. Maar eerst blijven planten en steeds weer blijven kijken. Dat is de uitdaging. We zullen zien wat er groeien gaat.
.
De wereldwijde achteruitgang van insectenpopulaties heeft tot grote belangstelling geleid bij wetenschappers, politici en het grote publiek. Verwacht wordt dat het verlies aan diversiteit en het verdwijnen van de overvloed van insecten een domino-effect zal hebben. Het zal voedselketens en ecosysteemdiensten in gevaar brengen.
Bron: https://journals.plos.org/plosone/article?id=10.1371/journal.pone.0185809
Breda wil groen zijn, ‘een stad in een park’. Niet alleen omdat de mens gelukkig wordt van natuur om zich heen, maar ook als open uitnodiging aan insecten, de cruciale bloembestuivers, grond-omwoelers en waterzuiveraars die het ontzettend moeilijk hebben.
Bron: https://www.trouw.nl/es-b593935c/
Ook had Vroege Vogels op 19-04-26 een item over bijen in het eerste uur van de uitzending.
https://www.nporadio1.nl/podcasts/vroegevogels/139856/vroege-vogels-blauwborst-pijlinktvis-en-aziatische-hoornaar-19-apr-2026-0700-1000

Wij zijn niet de enigen die de vliegen in de gaten houden. Deze rietzanger fotografeerde ik vlak voor mijn raam. Hij eet insecten die hij in de dichte vegetatie langs de oever verzamelt en keek even wat er hier te halen viel.