Ga toch fietsen! (Go cycling!)

.

.

Soms denk ik terug aan die ene keer, dat ik spitsuur meemaakte. Spitsuur bij het Ledig Erf in Utrecht. Ik kwam er nooit om die tijd. Ik was schipper. Ik ging altijd overal onderdoor. Ik voer op het water van Oudegracht en de Singel, ik kende het water beter dan de straat erboven. Ik hoefde zelden ergens heen want de winkelstraat was om de hoek. Dus ik wist van niks. Maar het was verschrikkelijk, dat spitsuur. Allemaal sacherijnige, ongeduldige mensen. Een heel andere wereld! Niet de mijne, besloot ik. Ik ben nooit meer met spitsuur het Ledig Erf op gefietst. Dan ging ik liever een uurtje later, of nam een andere route, langs de kleine straatjes.

Ik vraag me af, moet dat echt zo, dat spitsuur? Kan het niet anders? Kennissen van mij maakten een liedje: “Ga toch fietsen!” De groep heet Rommelhond.


“Ga toch fietsen!” Nou, ik fiets heel wat af, in Friesland. Fietsen jullie ook?

.

ENGLISH

Sometimes I think back to that one time when I was in rush hour. Rush hour at the Ledig Erf in the city, Utrecht. I never got there at that time. I was skipper. I always went under everywhere. I sailed on the water of Oudegracht and the Singel, I knew the water better than the street above. I rarely had to go anywhere as the shopping street was just around the corner. So I didn’t know anything. But it was terrible, that rush hour. All grumpy, impatient people. A very different world! Not mine, I decided. I have never cycled into the Ledig Erf during rush hour. Then I would rather go an hour later, or take a different route, along the small streets. I wonder, does it really have to be this way, that grueling rush hour? Can’t it be otherwise? Acquaintances of mine made a song about it: “Go cycling!” The group is called Rommelhond. Go cycling! Well, I cycle a lot, in Friesland! You too?

.

.

.

Zing een lied en kom weer thuis ( Sing a song and come home again)

.

.

Met het lied in de herinnering, wordt het thuisland nog dierbaarder.

.

Liever luisteren? Klik op de knop onderaan de tekst.

Do you want to listen to the ENGLISH translation? Click on the button under the text.

Ik kijk naar de geveerde cirruswolken in de hoge lucht. Ze zijn zo hoog, dat het ijskristallen zijn. Ik word er altijd gelukkig van, als ik ernaar kijk. Net als de zon, die schijnt op de rimpelingen in het water. Het water, de Swette. Op het pad naast de Swette komen mensen voorbij. Bekende gezichten, of onbekende, dorpelingen of zomergasten. Soms blijven ze kort, soms langer. Ze zijn allemaal even vriendelijk en hebben de tijd.

Ik voel me prettig en ontspannen. Het leven is goed. Dat sterkt de veerkracht. Voor het eerst sinds jaren ben ik zó uitgerust, dat ik elke morgen om halfzeven wakker ben. Dan open ik de deuren en kijk uit op de ochtendzon, die tussen de bomen door schijnt. Ik luister naar de vogels, ik kijk naar de hazen. Ze gaan rechtop staan zodra ze me in de gaten krijgen. Grote oren hebben ze, met zwarte puntjes aan het einde. Lieve zwarte puntjes, die steeds bewegen, bij elk geluid dat nadert. Vóór er mensen wakker zijn loop ik al naar de lange bult, waar ik 300 bomen en struiken heb geplant. Ik hak het riet weg met de sikkel, ik zie hoe het groeit. Ik hoef niet na te denken over de toekomst. De toekomst is hier. Het is wat voor mijn voeten de bodem uit komt. De planten! Ik zorg voor ze en zij zorgen voor mij. Het omringende leven vormt een wonderlijk ritme waarin ik verweven raak.

Het riet groeit hard, in de droge klei. In de winter is alles hier zompig en nat. Daar houdt riet van. Nat in de winter, droog in de zomer. Ik houd van riet. Allerlei vogels verschuilen zich in de ritselende stengels. Ik hoor ze maar zie ze vaker niet dan wel. Rond de jonge bomen hak ik de stevige stengels tot mulch. Ik trek het gras weg, rond de wortels van het plantgoed. De klei is donker en vruchtbaar. Verderop stroomt de Swette fris en vertrouwd. Als het lang niet regent, dan komt het water uit het IJsselmeer. Onze sloten staan nooit droog. Dat is fijn. De drijvende pomp met het zonnepaneel doet zijn werk. Hoe blauwer de hemel, hoe beter. Knalgeel slingert de meterslange tuinslang over het paadje. Ik loop er elke dag om de slang te verleggen. Als er dauw is, worden je benen nat van het lange gras, want het is maar smal. Het paadje loopt naast de even lange bult. Die is 125 meter lang. Op de bult is het riet, dat ritselt in de wind.

Steeds weer denk ik: Ik hoef helemaal niet weg. Maar toch ga ik. Met vakantie. Ik ga om te zingen. Dat wil ik al heel lang. Een meerstemmig lied, met allemaal verschillende stemmen. Dat ga ik doen. Hoop ik. Daarna ben ik immers weer thuis, bij de bomen, de vogels en de hazen. Bij de Swette, die nog altijd stroomt. Thuiskomen is net zo mooi als alle stemmen samen. Met het lied in de herinnering is het land nog mooier.

.

.

NEDERLANDS:

ENGELS: