Rebelse gaten in dichtgetimmerde tijd

.

.

Er staan veel hoge bomen rond camping de Swetteblom. Ik leg het boek waarin ik lees even opzij, terwijl ik luister naar het gebulder van de harde wind in de toppen. Wat ben ik blij dat ik hier nu sta, eindelijk in de luwte. Het geeft me rust en concentratie. Zo bereid ik me voor.

 

Ik denk veel na, in mijn kleine huisje, terwijl de bomen de wind opvangen en de regen op het dak tikt en het grasveld steeds zompiger maakt. Ik lees veel, ik lees om herkenning te vinden, zo dat het steeds helderder wordt wat mij beweegt.
Ik pak het boek weer op, dat me nu bezighoudt. “Kairos” heet het, het is van Joke Hermsen en de inhoud verrast me. Ik ben zo blij met deze filosofische gedachten die mij de woorden geven waar ik al langer naar zocht. Ik geniet van de verbinding naar oude tijden, oude beschavingen, alles heeft zijn plek in het bestaan. En hoe klein ik ook ben, toch heb ik een plek gekregen in het verhaal Aarde, de planeet die al zolang bestaat. Wat doe ik daarmee? Om dat te weten wil ik helder hebben hoe ik tijd en energie kan zien en wat we ermee doen.

Wat is tijd

In de Griekse oudheid benoemden ze twee soorten tijd. De uiterlijke, chronologische tijd, en de veel ruimere innerlijke tijd. Chronos, de lineaire tijd werd afgebeeld als een oude man, hij is de man van de klok, de metronoom die het ritme van mijn voetstappen bepaalt, maar hij is ook degene die in het spitsuur de mensen hartkloppingen bezorgt.
Chronos heeft een kleinzoon. Hij symboliseert de innerlijke tijd, waar ik het over had. Hij wordt gespierd afgebeeld, vanwege zijn vitaliteit, want hij kan gaten kan slaan in dicht- getimmerde tijd.  Hij is degene die steeds meer ontbreekt in onze wereld, degene die ons opnieuw onze vrijheid kan doen beleven. In Kairos nemen we geduldig de tijd om ons te bezinnen en krijgen we precies op het juiste moment de ingeving om van richting te veranderen, het idee te lanceren, of om drastisch opnieuw te beginnen.

Rebelse gaten naar vrijheid

Mijn inspiratie voor ’t Wandelhuis, mijn eigen huisje op wielen, komt vanuit Kairos, de innerlijke tijd. In die tijd vind ik ruimte voor ingevingen. Ik slenter wat rond en kijk goed om me heen. Zo vind ik wat nodig is, precies op het juiste moment. Het vraagt veel geduld. Het betekent ook dat ik al jaren veel tijd alleen doorbreng, om vanuit eigenheid en volharding, iets heel nieuws vorm te geven. Zo ontwierp ik het huisje op wielen en bouwde tot het af was.
Ik bepaal daarin mijn eigen tempo en Chronos is voor mij een vriendelijke opa die mij helpt in een vast aangenaam ritme te werken. Ondertussen jaagt de maatschappij voort en hier heeft Chronos een heel ander gezicht. Hier raast hij voort als een waanzinnige, met op hol geslagen digitale klokken die niet meer tikken en die geen ritme meer hebben. Hier sluit hij je op in piepjes en poortjes die op van alles zijn ingesteld, behalve op de mensen. Ik begeef me alleen tussen al die klaphekjes als het noodzakelijk is om dingen te regelen.

Vroeger hoorde ik mensen wel eens zeggen, dat ik economisch gezien veel minder presteerde dan ik kon. Ik heb geleerd me daar niks van aan te trekken. Ik wilde leven. Ik wilde zelf schipper zijn en geen manager van een groot rondvaartbedrijf, ik wilde het water en de oevers aan me voorbij zien glijden en verwonderd zijn dat alles steeds weer anders was. Ik genoot van al die onbewaakte momenten, die mij gul in de schoot werden geworpen, zelfs in de zwaarste tijden. Waakzaam en ontspannen, zo kon ik de rebelse Kairos bij zijn staart grijpen, opnieuw beginnen toen het nodig was en ideeën vormgeven die mijzelf verrasten.

Oprechte duurzaamheid

Ik droom ervan dat de inspiratie van Kairos werkt als een magneet, dat steeds meer mensen de tijd nemen voor zichzelf en de wereld om hen heen. Mensen die zich een weg weten te banen dwars door de dichtgetimmerde kloktijd heen en het lef hebben om de sprong naar vernieuwing te wagen. Dit in alle lagen van de maatschappij te laten gebeuren, het is de enige weg naar oprechte duurzaamheid.

 

.

Ik hoop dat ik met mijn Wandelhuis mensen mee kan nemen die andere tijd in, dat ik op elke plek Kairos kan vinden, terwijl onze voeten in rustig tempo over de weg gaan.  Terwijl veel mensen hun vertrouwen verloren hebben en bescherming binnen hun eigen kring zoeken, sta ik open voor mensen van ieder pluimage. Je weet nooit waar de vonk overspringt. Vertrouwen is voor mij een principe. Het is de enige manier om een bres te slaan, om een kiem van hoop te planten dat een nieuw begin echt mogelijk is . Alleen gezamenlijk kunnen we het hart weer te laten kloppen.

.

.

 

 

 

 

 

 

 

 

.

De tekening van mij is een heel eigen interpretatie van het Kairos moment. Het lijkt een merkwaardige tegenstelling met het oorspronkelijke beeld. Daarin zie je een gevleugelde man met een staart op zijn verder kale hoofd. Die staart moet je grijpen, in volle focus. Dat geeft de doorslag tot vernieuwing en bevrijding -Kairos-.

Mijn tekening lijkt juist verspreiding te verbeelden, in plaats van een geconcentreerd grijpen. Maar de concentratie is even intens. De creator is gefocust en is het zelfde moment bewust van alles om zich heen. Er is hier een eenheid tussen de kijker en de schepping. De kijker is met zijn aandacht bij de wortels in de bodem en spreid tegelijkertijd zijn vleugels uit als vogel tussen de vogels. Hij bevrijdt niet alleen zichzelf.

 

.

Terwijl ik de filosofie van de grieken lees, maak ik tegelijkertijd een relatie met oude natuurvolkeren. Het nieuwe begin dat feestelijk wordt ingeluid, gaat in deze afbeelding ook verder dan het persoonlijke. Door Kairos bij de staart te grijpen, kunnen we niet alleen onze eigen plannen, maar ook onze omgeving nieuw leven in  blazen. Ik laat hiermee een doorslaggevend moment zien, hoe het voor mij is om te beginnen met herstel van onze Aarde, met harmonie in lichaam en geest. Hoe groot te denken en klein te beginnen.

.

Recensie “Kairos’ van Joke Hermsen.

 

.

Opnieuw beginnen als je ouder bent

.

.

Rijkdom kan groeien, bij het klimmen der jaren. Trage bedachtzaamheid kun je gebruiken als een enorme kracht, als je niet verleert met souplesse te reageren op het juiste moment.

.

Ik zet de steelpan op de kachel. Hij zit helemaal vol water, want ik ben van plan een hele sloot verse muntthee te gaan drinken. Ik heb de laatste frisse blaadjes geplukt, het beetje wat er nu nog aan zit, is vol zwarte vlekken.
Ik doe de deksel op de pan. De muur boven de kachel is oranje in de gloed van de ondergaande zon. Ik draai me om, om te kijken. Zo’n weids uitzicht krijg ik misschien nooit meer. Ik ben ontzettend blij dat ik die keiharde wind straks kwijt ben, maar zolang ik hier woon geniet ik van de prachtige luchten. De leegte van het land lijkt de leegte van dit moment te symboliseren. Het is geen dode leegte, maar als een volledig welkom. En hoewel je het misschien niet direct ziet, weet ik dat mijn schijnbare leegte rijk is aan mogelijkheden. De bodem is vol wortels en wie weet hoeveel schimmeldraden, die zich als een netwerk uitspreiden en alles wat groeit met elkaar verbinden en voor voeding zorgen voor alle leven.

Als ik op reis ga, ben ik 54. Ik was 47 toen ik mijn oude leven achter me liet, om verstofte talenten flink uit te kloppen en in het zonnetje te zetten. Al met al zijn er zeven jaren voorbij gegaan, terwijl er langzaam iets groeide, wat altijd al in de kiem aanwezig was. Ik denk na over hoe het voor mij heeft gewerkt.

Als je jong bent en je ontwikkelt je talenten of je begint een grote reis, dan moet alles snel en het liefst meteen. Dat kan dan ook makkelijker, je krijgt sneller steun, aandacht en bewondering. Je bevindt je tussen andere energieke leeftijdsgenoten. Een nieuw spoor opgaan, andere talenten ontwikkelen, een verlangen vervullen dat al sluimert vanaf de jaren dat je een kind was, het is een veel eenzamer proces wanneer je ouder bent. Terwijl je leeftijdsgenoten zich met een drankje op hun lievelingsstoel nestelen, het werk overdenken wat er nog ligt en zich afvragen hoeveel vakantiedagen ze nog hebben, doe jij precies het tegenovergestelde. Je verlaat je lievelingsstoel, zet hem onder de wilgenboom en pakt je biezen. Niet snel, zoals je zou doen als je twintig was, maar heel langzaam.
Die rijkdom kan groeien bij het klimmen der jaren, wanneer je door de harde schil heen gebeten hebt. Het is een trage bedachtzaamheid, die te gebruiken is als een enorme kracht, als je niet verleert met souplesse te reageren op het juiste moment. Als twintiger wist ik dat ik me eerst moest gaan wortelen, pijnlijk door harde bodems moest dringen en dat de grote ontdekkingstocht pas later zou beginnen, wanneer de tijd rijp zou zijn. Nu is het zo ver. Ik maak me los en ga. En tegelijkertijd weet ik, ik ben waar ik ben en ben overal thuis.

Het leven houdt niet op als je vijftig bent. Het hoeft niet te vervagen in een vergeetland dat zich steeds verder uitbreidt. In de lente begint de munt opnieuw te groeien, groter en sterker. Een getraind lichaam en een getrainde geest op kracht en flexibiliteit en rekt grenzen uit. De mogelijkheden worden dan alleen maar groter.
Ik schenk de thee in een glanzend schoon glas. Nog even en de zon is onder. Nog even en ik loop misschien wel op een stille landweg, in dezelfde ondergaande zon, die toch steeds weer anders is.

.