Zoveel kuikens! (So many chicks)

.

.

Als vegetariër ontmoette ik een kippenboer. Het was een vrolijk gesprek. Als we spreken over een grote liefde van hem gaat hij stralen. Weidevogels.

Liever luisteren? Klik op de knop onderaan de tekst.

Do you like to hear the ENGLISH version? Click on the button under the text.

.

Sinds kort weet ik dat hier in de buurt een kippenschuur staat. Het is drie kilometer verderop, langs de weg. Er ligt een klein veldje waar schapen in staan. Maar gisteren zag ik er ook een kieviet, die alarm sloeg en rondcirkelde. Een nest? Vandaag aas ik op het moment om daar meer over te weten te komen. Ik ben op weg naar Weidum, op de fiets. Dan zie ik iemand bij het huis van de kippenboer. Een jonge vent wil net op zijn zitmaaier stappen om het gazon te maaien. Ik stop, stap af en zwaai naar hem. “Hallo, mag ik wat vragen?” roep ik. Ja dat mag. Hij stapt van zijn maaimachine en komt me nieuwsgierig tegemoet. “Die kieviet in het land hiernaast, heeft die eieren?” Hij grijnst en gaat er echt voor staan om antwoord te geven. “Nee, daar lopen kuikens.” zegt hij. ”Maar daarachter lopen er nog veel meer! Kievieten en grutto’s. Het wemelt van de kuikens!” Hij straalt helemaal. “En elk jaar worden het er meer. We houden het land nat met een pomp. Dat is goed voor de insecten en de muggenlarven. Die eten ze, de kuikens. Moet je eens kijken wat een wolk vliegjes! Het gaat goed!”

Ik stel de ene vraag na de andere. Hij weet veel van jonge vogels. Op verschillende manieren. Behalve voor de weidevogels, zorgt hij voor kippenkuikens. Die worden verkocht aan Albert Heijn. De klant eet graag het lichtroze vlees, keurig uitgestald en gesealed in plastic. Zo ligt het in de koeling. Maar het begint allemaal in een ei. Heel veel eieren zijn dat. En als ze uitkomen moeten de beestjes allemaal eten. Hij doet het samen met zijn pa. Ik heb mijn buurman wel eens horen mopperen, toen hij in een slechte bui was. Al die kippen die daar opgepropt zitten in die donkere schuur …. gromde hij. Daar moet ik aan denken. “Zoveel kippen in een schuur, daar is veel kritiek op,” zeg ik dan. ” Hoe ga je daar mee om?” Hij vertelt dat hij steeds opnieuw aanpassingen maakt. Er zitten nu grote ramen in het dak van de schuur. Er is ruimte bijgekomen om te scharrelen. De kuikens kunnen ook iets langer rondscharrelen dan vroeger, voor ze onder het mes gaan. De supermarkt betaalt hem ervoor, de prijs per kilo is hoger. “Ik zou best wel bio willen boeren,” zegt hij “Maar we kunnen niet verder uitbreiden. Er is niet meer scharrelruimte. De grens is bereikt.”
Het is balanceren. De eisen voor het dierenwelzijn worden steeds hoger. En er zijn steeds meer mensen die biologisch willen. Als boer verdient hij de kost met wat er gevraagd wordt. Hij werkt met de mogelijkheden die hij heeft en doet zijn best. Jonge kippen houden is zijn broodwinning. Maar dat hij echt van kuikens houdt, dat zie je wanneer hij over de grutto’s praat. En de kievieten. Om die dieren in zijn land te zien opgroeien, daar heeft hij alles voor over.

“Vorige week had de buurman een waterkanon aanstaan. Was dat niet erg?” vraag ik hem. “Ja”z egt hij, daar houden ze niet van. Ik heb een scherm neergezet. Dat hielp.”

In ieder mens is liefde en goede wil. Daar ga ik vanuit en dat blijkt ook, als je maar de juiste vragen stelt en kijkt waar de mogelijkheden liggen. Met enkel cynische blikken komen we niks verder. Met elkaar hebben we dit systeem gemaakt, en met elkaar zijn we er verantwoordelijk voor. Er verandert toch best veel. Ik heb hoop.

.

NEDERLANDS

ENGELS

As a vegetarian, I met a chickenfarmer. It was a happy conversation. As a farmer, he earns his living with what is asked. He works with the possibilities he has and does his best. Keeping young chickens is his livelihood. But you can see that he really likes chicks when he talks about the black-tailed godwits. And the lapwings.

Over koetjes en kalveren

Koetjesenkalveren KB

.

Ik zit bij het raam in de warme huiskamer van de buren. Het is een kleine woonkamer, knus en ouderwets ingericht zoals huiskamers in woonwagens horen te zijn. Vier klassiek-houten leunstoelen, twee schilderijen aan de muur. Een clown met melancholieke ogen en een reproductie van van Gogh. De beroemde schilder verbeeldt hier een zelfde soort woonwagen als ik ga bouwen. Gefascineerd kijk ik er naar.
Ik maak mijn blik los van de wand. Hans geeft me een kop koffie.
” Wij gaan hier waarschijnlijk niet blijven,”zegt hij.”Maar we weten nog niet wat onze bestemming wordt. Weet jij het wel?”
“Ik blijf hier zolang als nodig is. Dat is nog wel een poosje. Ik vraag me trouwens af wie wel weet wat er komt. Het boerenland om ons heen zal ook veranderen. De hele melksector is bezig opgeblazen te worden.”
“Ja, dat hebben wij ook gehoord. Investeringen voor schaalvergroting zijn groot en de melkveehouderij draait al lang met grote verliezen, gesubsidieerd door de overheid.”
“Hoe moet dat dan straks? ”
“Ach, dan importeren we die melk toch gewoon.”
“Ja, maar er is overal een schaalprobleem. Waar haal je dat dan vandaan?”
“Buiten Nederland is nog ruimte genoeg voor koeien. Oost Europa is lekker goedkoop om te investeren voor grote bedrijven. Genoeg die graag hun land kwijt willen.”
“En wat doen wij hier met het land? Alles is ingericht op die koeien. De mest word er geïnjecteerd, de hooilanden, de snijmais die je overal ziet…”
“Die snijmais exporteren we naar Oost Europa.”
“En hoe houden we onze grond vruchtbaar als er geen mest meer is?”
“Kunstmest, of koemestkorrels importeren uit het Oosten.”
“Fosfaten voor kunstmest worden gedolven. Die zijn vroeg of laat op.”
“Dan importeren we gewoon die mestkorrels.”
“Dus we importeren de melk en de koemest, en we exporteren de mais. Dat wordt een hoop heen en weer gerij.”
“Ja… nou ik zie het ook veel liever anders. Laten we de de grond schoonmaken. Dat vind ik veel zinvoller. Zeven jaar duurt dat en dan kunnen we overal voedselbossen en boerderijen opzetten gebaseerd op sluitende kringlopen.”

Dit gesprek geeft een korte schets van hoe het is en hoe het kan zijn. Kringloopdenken, dat kan niet in onze groei-economie. Het kan alleen maar groeien doordat er voeding, materiaal en energie aan wordt toegevoegd. Er wordt gedolven waar het maar kan en ook waar het niet kan. Goud, fosfaat, gas, kolen, olie, het houdt niet op. Dat dacht men tot voor kort. Maar het houdt wèl op!

In het kringloopdenken gebruik je alles wat er is als voeding. Er zijn verschillende namen voor. Ecologische of biologische landbouw is het meest bekend. De permacultuur gebruikt de natuur als inspiratiebron. Als je de natuur met rust laat, is er altijd een kringloop van voedingsstoffen. Omdat wij ons eten van de grond halen, halen we ook voeding uit de grond. Die wordt meestal naar elders gebracht. Daarom moet er steeds mest van buiten komen, om de bodem weer vruchtbaar te maken. Een goede bodem heeft veel meer in zich, dan alleen kunstmest.

Poep van mensen en dieren hoort op de composthoop, zodat het terug kan naar de bodem waar het vandaan komt. Takken en blaadjes kunnen makkelijk blijven liggen in de herfst, het houdt de bodem warm en biedt beschutting aan tal van beestjes. Als het vergaan is en verteerd, kan de bodem veel beter water vasthouden en voedingstoffen. In kringlooplandbouw kunnen dieren ook een plek krijgen. Maar niet teveel. De bodem heeft mest nodig, maar overbemesting willen we niet. Genoeg is genoeg. In een kringloop is alles in harmonie, en staan allerlei vast planten, die zorgen dat de bodem stevig bij elkaar blijft. Ze zorgen er ook voor dat de bodem de voedingsstoffen goed in zich op kan nemen. Er zit nog veel meer aan vast en als je wilt kun je er nog veel meer over lezen.

Boeken hierover zijn:

Vierduizend jaar kringlooplandbouw, van Sietze Leeflang
Handboek ecologisch tuinieren van Herman van Boxum en G Buysse
Sepp Holzer’s permacultuur, van Sepp Holzer

Meer boeken over permacultuur:
https://www.google.nl/search?q=permacultuur+boeken+kringloop&ie=utf-8&oe=utf-8&client=firefox-b&gfe_rd=cr&ei=8kAsWMLXE6GT8Qfv5LLQCA#q=permacultuur+boeken