WAAR ZIJN DE VERHALEN? (Where are the stories)

.

.

Leven in de natuur is luisteren naar verhalen. Maar als je teveel ideeën hebt hoe iets eruit moet zien, dan zie je niks. .

.

Liever luisteren? Klik op de knop onderaan de tekst

Do you want to listen to the ENGLISH version? Click the button under the text.

Het is meivakantie, en op de Pôlle staan kampeerders. Er staat een groene tent en er zit een man te vissen op de steiger. Vanaf de andere kant komen twee figuurtjes het Verhalenpad aflopen. Vanaf het grindpad zie ik ze dichterbij komen. Het zijn kinderen, een jongen en een meisje. Ik blijf staan tot ze bij me zijn.

“Hallo, hebben jullie het Pad afgelopen?” Ze knikken. “Ja, we zagen een bordje staan met Verhalenpad. Maar waar zijn de verhalen? We hebben niks gezien. Wel hele diepe kuilen. Dat was vast een hoop werk. De grond was keihard,” zegthet jochie. Nieuwsgierig haal ik mijn wenkbrauwen op. “Hoe ziet een verhaal eruit denk je?” Hij haalt zijn schouders op. “Een bordje met een tekst. Of beelden.” Hij kijkt me schrander aan. Het meisje luistert aandachtig, wanneer ik verder praat. “Tja, dat is er allemaal niet. . . Maar heb je de spinnetjes wel gezien? Het zijn er honderden! Die schrijven de hele dag verhalen, met al die pootjes.” Hij schudt van nee. Niet gezien. Het meisje kijkt me met grote ogen aan. “Ze kruipen in de barsten in de klei. Die zijn daar gekomen van de droogte. In de kuilen kan je ze goed zien. Dat is kale harde grond. Eén voor één vul ik die met water, uit de sloot. Maar denk je dat ze verdrinken? Niks hoor, ze lopen gewoon over het water heen. Het zijn superspinnetjes. Ze kunnen alles en zijn razendsnel.” Hij kijkt verbaasd. “Nee, hebben we allemaal niet gezien!” Het meisje opent nu haar mond. “Zijn het geen schrijvertjes dan, die op het water lopen?” Die kent ze wel. “Nee,” zeg ik. “Ze zien eruit als gewone spinnen. En ze kunnen heel hard lopen. Leuk hoor. Ze drinken water uit de plassen die ik maak. Of ze drinken dauw, in de ochtend. Lang gras vangt veel dauw.” Ze knikken allebei, alsof ze dat al heel lang wisten. “Jullie zijn best slim,” meen ik. “Ik niet,” zegt het meisje verongelijkt. “Ik wel,” zegt de jongen. ”Ik heb Havo-VWO advies gekregen. Dat is best hoog.” Het meisje kijkt onverschillig. Ik vind het maar niks, dat praten over hoog en laag. “Maar jij bent praktisch,” zeg ik tegen haar. “En je weet volgens mij precies hoe schrijvertjes eruit zien.” Haar gezicht klaart op. Ze zegt dat ze mooi kan tekenen. Maar soms wordt ze ongeduldig en dan verpest ze het. We praten nog even verder. Dan verdwijnen ze richting de steiger, terug naar hun vader.

Langzaam loop ik het paadje af, door het lange gras, terug naar mijn wooncocon. Ik denk aan paden die uitgesleten zijn, ideeën die als kale constructies langs de verharde weg staan. Vertellingen die niet meer voor zichzelf spreken, maar zwart op wit moeten staan, anders zijn ze er niet of hebben ze zelfs geen bestaansrecht. Lees en weet, wie schrijft die blijft. Maar hoe meer je denkt te weten, hoe minder je ziet. Aan wie graag hoog de ladder klimt, gaan vele verhalen voorbij. Er zijn kleine vertelsels en soms zijn ze groter dan je kan bevatten. Niet enkele, maar duizenden verhalen zijn het, geschreven door talloze beestjes, bomen, bloemen en zelfs door bergen en rivieren. Sommige gaan zo snel dat ze gelijk zijn uitgewist. Andere zijn verschrikkelijk traag en nemen hele millennia in beslag. Dan besef je niet eens dat het verhaal er is, en nu verteld wordt aan jou. Maar alles ontwikkelt zich verder en steeds weer zijn er nieuwe wendingen. Oefen in breed kijken, en je ziet meer en meer: Verhalen in het web van leven.

Ik zet mijn ene voet voor de andere. Traag verdwijn ik achter de haag van riet, waar mijn huisje staat. De winterkoning fluit zijn lied, pal boven mijn hoofd. En weg ben ik, in mijn wooncocon. Het is weer de dag om woorden te weven. Anders was dit er niet, alles, wat ik nu schrijf. Verhalen die komen en gaan, en op een dag zullen verteren, als blad in de bodem van de herfst. Een bodem vol spinnetjes.

.

NEDERLANDS

.

ENGLISH

They were children. “Yes, we saw a sign with Story Path. But where are the stories? We haven’t seen anything. We saw deep pits. That must have been a lot of work. The ground was rock hard.” Curious, I raise my eyebrows. “What do you think a story looks like?”

Live in nature means listening to stories. When you only use your head, you miss it.

.

Als je mens en natuur van elkaar scheidt, dan wis je verhalen uit. Lees het artikel van Thomas Oudman.

https://decorrespondent.nl/13362/hoe-de-scheiding-tussen-mens-en-natuur-meer-kapotmaakt-dan-beschermt/3419303851458-239fbdc3

.

DE PÔLLE EN HET VERHALENPAD (The Pôlle and the Storypath)

.

.

Er staat nu een bordje voor het Verhalenpad, daar prijkt de naam op. Hier hoor je hoe dat kwam en waarom ik aan indianen moest denken in Californië. Hoe mensen soms niet begrijpen wat ze zien en hoe dat tot grote vergissingen kan leiden.

.

Liever luisteren? Klik op de knop onderaan de tekst.

Rather listen in ENGLISH: Click on the button under the text.

.

Aan de overkant van Jochums Reed ligt een oude wilg als een drie-armige ster gekraakt uiteen. Vanuit die dikke takken zijn talloze boompjes gaan groeien. Nu is het een klein wilgenbos. Het is een geliefde plek voor winterkoninkjes, merels en houtduiven. In het hout zitten talloze beestjes die worden opgegeten door weer andere beestjes. Naast de wilg stroomt de Swette, de rimpels in het water weerspiegelen in het licht. Hoe langer je ernaar kijkt hoe meer het fascineert. Het geeft de plek magie. De plek heet “De Pôlle”, dat is Fries voor “eilandje”. In het vlakke kustland waar de horizon overal te zien is, is zo’n bosje net als een eiland in zee. Onze Pôlle trekt veel gasten. Velen hebben gevraagd of ze er voor altijd hun caravan neer mochten zetten. Maar boer Jochum zegt altijd nee. Dit is een plek waar iedereen van mag genieten. Tussen het veldje en de Reed groeien meer bomen. Je kijkt tussen de stammen door naar de onverharde weg. Naast de weg ligt een berg zand met puin. Van het zand heb ik voorzichtig wat weg geschept, om te gebruiken voor het planten van mijn boompjes. Voorzichtig, om de witte dovenetel te ontzien, die wel houdt van dat losse zand. Ik heb er drie kruiwagens zand uit gehaald en de rest van de berg laten liggen. Van de stenen die ik na het graven overhield, bouwde ik een soort grotje, als schuilplek voor beestjes. Ernaast heb ik twee struiken geplant. Als die groeien dan komt er misschien wel een nestje in.

Het is weekend en mooi weer. “Alle campings zitten vol” zegt Dick “Hier gelukkig niet.” We drinken koffie en bespreken het nieuws. Wanneer ik terugloop naar mijn huisje, zie ik dat er gasten zijn aangekomen op de Pôlle. In de tijd dat ik weg was, hebben ze een groot vuur aangelegd. Het zijn twee jongens met een gele auto en een tentje. Uitgebreid genieten ze van de hoge vlammen. Het vuur blijft branden en ook de volgende dag komt bijtijds de eerste jongen uit het tentje. Hij plukt dood gras en met veel rook krijgt hij het vuur brandende.

Als ik om twaalf uur buiten kom, zijn ze weg. Ik loop naar de plek en zie dat het stenen grotje is afgebroken. De stenen liggen nu mooi opgestapeld rond een kring met as. Er kan inderdaad een flink vuur in. Er liggen een paar dikke takken naast. Voor het stel was dit het paradijs. Je waant je in het wild, als in een droom. Alles was er. De stenen lagen daar gewoon. Zouden ze wel eens in de Ecokathedraal van Le Roy zijn geweest? Een geweldige plek is dat. Het lijkt op een oude overwoekerde stad. Boomwortels slingeren zich dwars door en rond de stenen. Daar ligt geen enkele steen zomaar. Voor mij is dat een grote inspiratiebron. Weten zij veel, die jongens…

Zo is het op veel meer plekken gegaan. Dat nieuwelingen ergens kwamen. Een plek die ongerept leek. Bomen en stenen die daar puur toevallig leken te zijn. Ik denk aan de indianen die woonden in wat nu “Yosmitepark” heet, in Amerika. Zij hadden een heel gebied in gebruik. Het leek op een groot voedselbos. Het stond er vol eiken, want eikels waren hun belangrijkste voedsel. Op een dag kwamen er een stoet blanke mannen, te paard. Wat ze zagen was een prachtig paradijs en eikenbomen die gigantisch waren. Thuis zouden die allang gekapt zijn, voor scheepsbouw en nog veel meer. Dit was zo wild en ongerept! Ze wisten toen nog niks van agroforestry en voedselbossen. Laat staan van eikels en wat je daar allemaal mee kon. Eikels waren voor de varkens, niet voor mensen. Ze zagen dus niet dat het bos heel ingenieus in elkaar zat, eetbaar was en door honderden handen werd onderhouden. Er stonden geen hekjes tussen, of bordjes. De blanken jaagden de indianen weg, die zouden het paradijs toch maar verpesten. Het is triest, maar dat geloofden ze echt en daarna is het nooit meer goed gekomen. De blanke mannen maakten er een natuurpark van. Voor het park prijkte een bord, met een naam in hun eigen taal. Bij de poort stond een bewaker. Daar hadden de indianen niet van terug. Het bord is nooit verdwenen.

De gasten op de Pôlle waren natuurlijk geen veroveraars. Hun bedoelingen waren goed. Een volgende kampeerder kan de vuurplaats mooi opnieuw gebruiken, moeten ze hebben gedacht. Ik zet er nu mijn eigen kleine vuurkom neer. Klein is beter, dat houdt gulzigheid in toom. Ik pak de stenen en leg ze een voor een in het karretje. Even later staat er bij de ingang van het Verhalenpad het begin van een grappig muurtje. “Hier werkt Alowieke aan het Verhalenpad” staat erbij. En: “Kijken mag”. Bij mij geldt dat voor iedereen. Bewakers daar doe ik niet aan. Wie weet welke levensverhalen hier nog verteld zullen worden. En hoe vaak we nog aan inheemse mensen zullen denken, overal ter wereld. Met al hun Verhalenpaden. Hier, langs het Verhalenpad in Friesland.

.

NEDERLANDS

ENGLISH

ENGLISH

There is now a sign in front of the Story Path with the name on it. In this story you can read how that came about, and why it made me think of the indigenous people of what later became Yosemite Park, in California. How people who are new somewhere, don't understand what they see. And what great mistakes can result from that.
Lees verder “DE PÔLLE EN HET VERHALENPAD (The Pôlle and the Storypath)”