Het hart beslist

.

.

Harten-Aas-kl-frm

.

Het is bijna twee uur. De lage herfstzon schijnt door kale takken van de bomen. Er is geen wind en ik hoor alleen het opgewekte gekwinkeleer van koolmezen en een winterkoning, die in mijn buurt naar beestjes zoekt.
Ik sta op het punt om het laatste scharniergat in de deurpost uit te hakken. Met de dag word ik blijer, want o, wat wordt het mooi. Zes weken geleden begon ik met het maken van de deuren, acht in totaal, vier voordeurtjes, vier achterdeurtjes, allemaal geïsoleerd en met raampjes erin. Aanvankelijk verloor ik bijna mijn hoofd, bij het klaarmaken van de meer dan honderd onderdelen die ik allemaal precies op maat moest zien te krijgen. En dat was nog maar het begin. Mijn wagen komt tjokvol deurtjes, luiken en luikjes en het gaat allemaal piekfijn passen. Straks kijk je je ogen uit, zoveel is er te zien!
Mijn beitel is vlijmscherp geslepen, de houten klopper ligt klaar om te pakken. De zon is heerlijk. Nu ik zoveel buiten ben, besef ik de kracht er van en hoe opwekkend het is om al dat licht in me op te nemen en de frisse lucht in te ademen. Ik wilde de klopper pakken, maar halverwege de beweging draai ik me om en geniet met volle teugen van de zon in mijn gezicht. Ik knijp mijn ogen net niet dicht en kijk door een spleetje, als een kat die zich koestert.

Dan hoor ik mannenstemmen. „Hallo, is daar iemand?“
Ik kom achter de woonwagen vandaan. „Ja! Ik hier!“
„Wij zoeken Alowieke.“
„Dat ben ik!“ Vrolijk kijk ik ze aan. „Dan moeten jullie Jaap en Dennis zijn.“ Ik steek mijn hand uit ter kennismaking.
Ze wilden komen kijken. En ideeën op doen. Ze hebben taart meegenomen. Ze willen zelf óók een wagen bouwen en misschien het wonen in een huis voorgoed de rug toekeren. Jaap kan met paarden omgaan en is handig. Hij loopt meteen een rondje om mijn wagen en kan zijn ogen niet afhouden van de stalen onderkant. „Mooi onderstel!” Hij zakt door zijn knieeën om eronder te kijken en knikt nog eens vol bewondering. Zijn vriend Dennis kijkt afkeurend naar zijn kont. „Niet alleen het onderstel is mooi hoor!“ Dennis is de meest artistieke van de twee. Ik lach naar Dennis, blij met het compliment. „Ik snap het wel, dit is waar Jaap nu mee bezig is, dus dat interesseert hem het meest.“ Dennis knikt.
„We moeten een sterk onderstel hebben en sterke paarden,“ verklaart Jaap. „Dennis gaat mee op één voorwaarde. Zijn harp moet óók mee. En die weegt wat. Maar het geheel moet zo licht mogelijk worden!“
Ik help de jongens met informatie en beantwoord hun vragen. We eten taart bij de warme kachel en voor we het in de gaten hebben is het schemerig. „We moeten weg Dennis! We willen nog meer zien vandaag.“
Ze verdwijnen over het veld. Ik wuif ze na tot ik ze niet meer kan zien.

Ze zijn niet de enigen met plannen. Handen beginnen te jeuken. Fantasieën, voorheen nog als een ei in een nest, beginnen nu haarfijne scheurtjes te vertonen. Als een ongeduldig kuiken dat het krappe ei zat is, maar nu naar buiten wil en licht wil zien. Er wordt gebouwd aan kleinere huisjes om eenvoudiger te leven. In Nederland ontstaan op veel plekken buurttuinen. In steeds meer landen worden hele wouden ingepland, zoals in India en Ethiopië en er worden voedselbossen ontworpen. Er wordt hard gewerkt aan alternatieve energie en ook ik kan vol trots de panelen op mijn dak laten zien. De schaduw van de oude wereld met zijn grote verzwelgende voetafdruk is nog steeds groot. Maar de kiemen van een nieuwe wereld zijn er al. Het borrelt! Wat zullen al die geïnspireerde acties met elkaar teweeg brengen?
Ik ben heel nieuwsgierig naar het komende jaar, 2017!

.

Harten Aas

Hoe zwarter de schaduw, hoe sterker de bron
kijk waar je bent
want altijd
ergens is de zon

Vergeet voor even het verstand
en vind een hart, gezond als wat
want dat begrijpt in welk verband,
kiest zonder twijfelen haar pad

Het is niet bang en vol vertrouwen
zal het ontvangen en weer geven
en altijd kiest zij
zonder aarzelen
voor leven.

.

Het thema “Volg je hart”, komt dit jaar op allerlei plekken terug. Het is de tijd ervoor. Ook Marc Siepman geeft workshops en lezingen over dit onderwerp. Doe wat je hart je ingeeft, en werk niet alleen om geld te verdienen. Wij zijn er dankzij de planeet Aarde. Hoe kunnen wij voor haar zorgen?

https://marcsiepman.nl/workshop-voor-wat-hoort-niks/

 

Mistige panelenpraat

Vervolg op zonnige panelenpraat.

.

.

blauwe-klompen-kl-frm.

De koffie is op. Ik trek mijn blauwe klompen aan en steek de telefoon in mijn zak om naar buiten te lopen. Mijn voeten laten een donker spoor achter in het kort gemaaide veld, dat zilver is van dauw en mist. Ik ga het hoekje om van het lege onaffe huis dat in het midden van de camping staat. Het is van rode baksteen met oranje pannen op het dak. Onder de nok kan je dwars door het huis heen kijken.
Achter het huis is de vijver. En daar, vlak naast het hek waar de frambozen groeien, daar staat ze dan. Mijn eigen kleine huis op wielen. Wat is ze mooi.

.

.

bouwen-woonwagen-voordeuren-dubbel-kl-frm.

.

Ik kijk naar het groen geschilderde dak. Ik heb er veel tijd aan besteed, want er zitten heel veel functies aan. Er liggen al zonnepanelen op, die wachten op aansluiting. Ik zie vanaf de grond de onderste staalkabel. Daar zitten ze aan vast, heel stevig met allemaal roestvrij stalen oogjes en moertjes. Ik heb overal de kleinste maat van genomen. Toch is alles veel te robuust uitgevoerd, voor die  flexibele paneeltjes. Had het eenvoudiger gekund?
Ja. Ik had gewoon een paar lange latten op het dak kunnen vastmaken, met aan weerszijden een bout. Daar had ik de panelen op kunnen schroeven.

.

.

bouwen-zonnepanelen-1e-situatie-kl-frm

In de winter liggen de panelen aan één kant. De baan die
de zon maakt is dan veel kleiner. In de zomer komen de
panelen aan weerskanten van de dakkap te liggen. De ene
kant zal optimaal laden in de ochtend, de andere in de
middag.

.

.

Maar toch, deze constructie is veel sterker. De bovenste kabel zit vast met een hele rij roestvrijstalen ogen, die dwars door de opstaande dakkap heengaan. Als ik nu iets op wil hangen, een groot zeil bijvoorbeeld, dan heb ik overal bevestigingspunten en sterk ook nog. Ik kan er van op ààn. Ik zou aan de onderste kabel van alles vast kunnen maken. Ik zie het al voor me. Een raamwerk van touw met een zeil erboven. Je kan er hele bossen kruiden onder drogen, geurend in op zwoele zomeravonden en we kunnen er muziek onder maken als het regent…
Ik klim op de wiebeltrap die nog steeds bij de wagen staat en werp een kritische blik op de kabels. Het zit nog lang niet goed. Ik zie boutjes die nog niet kortgeslepen zijn. Het onbeschermde staal prikt diep in het rubber. Ai ai. Dat mag niet. Ik zal ze een kopje kleiner maken met mijn haakse slijper en dan een dopje er op. Ik moet ook iets met het dakrubber doen, dat rekt veel te veel uit. O, ik moet echt weer aan het werk hierboven. Maar niet nu. Ik klim weer naar beneden.

.

.

bouwen-zonnepanelen1e-situatie-detail-kl-frm

.

.

Ineens krijg ik een idee. Ik zal wel vaker onderhoud moeten doen en ik wil altijd alles kunnen inspecteren. Als ik het dakrubber niet vastplak in de goot, maar in plaats daarvan vastklèm, dan kan ik het altijd losmaken en oprollen. Ik kan het vastbinden aan het opstaande puntdakje, in het midden. Dan kan ik zo mijn hoofd tussen de dakbogen doorsteken en zien hoe het erbij staat. Dat is leuk! Ik glim van pret. En de isolatie haal ik er zo tussenuit. Dan zie je weer de mooie kale constructie. Hoera! Wie heeft er nou een dak dat je open kan rollen? Het wordt een superdak. Het is het meeste werk van de hele wagen. Maar ik heb het er voor over.

.

.

bouwen-dakzeil-in-de-goot-kl-frm

Goot met dakrubber

.

.

Vrijdag komt Johan de electra aansluiten, schiet me te binnen. Dat is helemaal niet handig. Er moet nog veel te veel gebeuren.

Ik pak de telefoon uit mijn zak en tik zijn nummer in. Aan de andere kant klinkt een opgewekte stem. „Met Johan.”
„Dag Johan, met Alowieke.“
„Hé Alowieke! Ik heb vrijdag bij jouw een afspraak om de zonnepanelen aan te sluiten!“
„Dat gaat niet door.“ Mijn stem klinkt resoluut. „Het is nog niet in orde, de bouten prikken in het dak, dat moet ik oplossen. En het rubber moet een onderlaag krijgen van stijf doek. Er zijn nog een paar dingen, die ik eerst in orde wil maken. Ik ga er verder mee in de lente, als het droog is en warmer en als ik weer zin heb in het dak.“
„Wat vervelend voor je zeg! Maar je klinkt toch heel positief.“
„Ach ja, ik leg er een paar planken onder en gooi er een zeiltje over. Dan kan het wel even blijven liggen zo. Voorlopig ga ik verder met andere dingen. Het wordt hartstikke mooi!“

Wandelend praat ik nog even verder. Eèn van de kippen ontdekt mij en rent op een holletje naar me toe. Helaas kip, ik heb niks voor je. En ik ben aan het bellen.
„Dan kan je mooi zien hoe het straks geworden is Johan,” besluit ik, de bruine kip negerend.
„Ik ben benieuwd.“
Na een laatste groet druk ik mijn telefoon uit en stop hem terug in mijn zak.

.

.

Foto’s met haiku’s

.

bouwen-dakzeil-in-bamboegoot-kl-frm

Kijkje op het dak
natte blaadjes in de goot
regen druipt erlangs.

.

.

bouwen-druppel-aan-de-wand-kl-frm

Druppels aan de plank
die hangen tot ze vallen
zoals ik het wil.

.

.

bouwen-werkplaats-detail-kl-frm

Schetsje tussendoor
met potlood op een plankje
hoe maak ik de deur.

.

.

bouwen-deurdeel-kl-frm

Borstels in de kier
zo blijft mijn huisje warmer
hier geen koude tocht.

.

.

bouwen-werkplaats-2-lamp-kl-frm

Mijn oudste lamp straalt
sterk en warm en heel vertrouwd
lief en gelig licht.

.

.

https://alowieke.wordpress.com/2015/12/08/zonnige-panelenpraat/

.

.

.

Gedachten bij ondergaande zon

Ik schreef dit blog vlak voor de nacht dat Trump de Amerikaanse verkiezingen won. Mensen zijn bang dat hier het zelfde gebeurt. Ik kan het me voorstellen. Maar ik ben niet bang. Ik duim voor de indianen in Dakota, met hun strijd voor schoon water, dat leven betekent. Ook in dit verhaal denk ik aan water, dat vloeit waar het niet gaan kan.

.

zonsondergang-met-nieuwe-wagen

.

Ik wil de zon zien ondergaan. Veel te lang heb ik het gemist, toen ik onder de grond in een Utrechtse catacombe woonde. Elke avond haal ik het in, als hij er is tenminste. Vandaag heb ik geluk, vlak voor een dik wolkenpakket de hemel in beslag neemt. Op mijn buik lig ik voor het grote raam en zie de lucht oranje kleuren. Ik kijk ernaar en overdenk de dag.

Vandaag heb ik aan de deuren gewerkt. Hele dikke deuren zijn het, want er komt een dikke laag wol in. De wol houdt de kou en de hitte tegen. Acht centimeter voor een huisje van dertien kubieke meter. Ik hoef maar een scheet te laten en het is al warm.
Of Nederland nou in een nieuwe ijstijd terecht komt of in een subtropisch klimaat met heftige stormen en slagregens, met mijn kleine wooncocon kan ik er vast tegen. De woonwagen wordt warm, sterk en veerkrachtig, net als ik. Mijn wagen groeit met mij mee, met wie ik ben en wat ik wens.
Waar gaan we heen? Ik hoop dat ik nog veel lieve, dappere en talentvolle mensen ontmoet. Mensen die niet in de eerste plaats aan zichzelf denken, maar die met elkaar werken aan iets moois. Gewoon, omdat ze er blij van worden.

Ik denk aan het landschapsboek dat ik zou willen maken. Ik zou graag rondreizen in het Nederland van de vroege middeleeuwen, toen het water nog kon gaan waar het wilde. Dat is al bijna duizend jaar geleden. Al zolang heeft elke vierkante meter van ons land een geplande bestemming. Wij moeten het water onder controle houden, anders wordt het ons de baas. Dat is een machtig mooi gegeven. Water fascineert me. Misschien ga ik daar iets mee doen, wordt dat mijn rode draad. Verhalen over het water, wat het neemt en wat het geeft, aan mensen en dieren, aan bomen en planten. Mijn tekeningen zullen weerspiegelingen laten zien en patronen die ze achter laat in het zand. Ik kan de wortels van de bomen tekenen, die als lange vingers de bodem in dringen om het kostbare vocht te bemachtigen en veel meer nog. Verder en verder vloeit het. Je weet nooit waar het uit komt. Vloeibare inspiratie blijft eeuwig verrassen. Zoals kinderen tijdloos bezig kunnen zijn met een schepje en een emmertje en tot hun verwondering iets kunnen maken waar ze versteld van staan…. Ik laat het verder stromen, ik zie het komen en weer gaan. Water komt overal. Water kan bergen verzetten, op lange duur.

De zon is nu bijna onder. Het wordt kouder. Ik trek een fleece deken over mijn schouders. Het wordt een koude nacht. Mijn nieuwe wagen wordt veel warmer dan deze, knusser ook. Wat zal ik daar fijn kunnen werken, diep in mijn wollen hol en praten met vrienden en kijken naar nog veel meer zonsondergangen. Nog even en het is er. Als de deuren erin zitten, dan ben ik al een heel eind.

.

.

bouwen-woonwagen-voordeur-kl-frm

.

bouwen-voordeuren-kl-frmbouwen-werkplaats-2-kl-frm

.

bouwen-woonwagen-voordeuren-dubbel-kl-frm

.

.

.

.VOETNOOT

Het laatste boek van de plank van Nyncke Lingsma, zo noem ik het gewoonlijk, maar dit keer is het het laatste boek uit de doos.

In de boekenkast van mijn moeder, kwam ik een lievelingsboek tegen, wat ik haar zelf heb gegeven in 1991, ik geloof dat ze het zelf nooit heeft gelezen, het zag er zo nieuw uit.
Nu ligt het ergens in de doos met spullen van haar. Ik kan het nog niet opbrengen om de doos te openen en het boek te pakken. Ik heb dus geen passage voor in de voetnoot. Het verlies is te vers. Maar Winnie de Poeh staat hoog op mijn lijstje.
Winnie met zijn filosofische eenvoud heart-emoticon
.
.

nyncker-voetnoot

.

.

.

.

Op weg naar een lichtere wereld.

zonsondergang-met-nieuwe-wagen.

.

Een kijkje in de wagen na een mistige nacht

.

ramen-met-mist-binnen-kl-frm

.

Met een zucht klap ik mijn laptop dicht. Ik ben anderhalf uur verder en eindelijk, na veel kijken en vergelijken, heb ik de laatste bestellingen kunnen doen. Een cirkelzaagblad, een nieuwe accuboor en twee sloten. Elke keer als de postbode komt denk ik, nu heb ik alles, nou hoeft er niks meer bij. Mispoes! Steeds is er weer iets waar ik niet aan gedacht heb, of het is gereedschap wat ermee op houdt, of ik heb in mijn rekensom een fout gemaakt, waardoor ik niet alles heb meegeteld, zoals met de schapenwol. Als je de berg isolatiemateriaal ziet, die er in dat kleine huisje gaat, dan geloof je je ogen niet. Toch verdwijnt het allemaal in wanden, muren, deuren, in het dak en in de vloer.

Ik loop naar de wagen en de werkplaats, in de andere hoek van het veld. Ik ben benieuwd hoeveel condens er tegen het dak aan zit en bij de ramen. Het was vannacht weer koud en erg mistig. Ik duw het doorzichtige bouwzeil opzij, dat ik er voor heb gehangen, tegen de koude oostenwind. Dan stap ik via het omgekeerde kistje op het kleine bordes, loop door de dikke holle deurposten heen die een mooi poortje vormen. De deurtjes zijn in de maak, er komen twee onder en twee boven, mèt raampjes.
De dikke plankenvloer is vol houtstof, de ramen zijn beslagen. Ik veeg erlangs met mijn wijsvinger. Het acrylaat voelt niet koud aan zoals glas en ik krijg geen natte vinger. Het is geen condens, het is dauw dat aan de buitenkant zit. Van binnen is het kurkdroog. Fijn, dat scheelt een hoop gedoe straks.
Dan kijk ik omhoog. Boven de dubbele rij dakbogen kijk ik direct tegen het zwarte dakrubber aan. Ik zie allemaal kleine druppeltjes. Ik strijk erlangs met mijn hand. Langs het spoor van mijn vingers pakken druppeltjes zich samen en glijden langs het aflopende rubber naar beneden, door de kier die ik speciaal daarvoor openliet en dan, met het rubber mee, de goot in. Ik kan de bamboegoot goed zien, door de brede kier onderaan het dak.

.

bouwen-binnen-7

 

Straks zie je geen dakrubber meer, als je in de wagen staat en omhoog kijkt. Ook de bovenste rij dakbogen is dan vrijwel geheel uit het zicht verdwenen. Je ziet alleen de onderste essenhouten bogen, mooi onbeschilderd rondhout, met een plafond van dikke ongebleekte katoen dat er op rust. Achter die katoen, tussen de twee rijen dakbogen in, zit dan een dikke laag grijze schapenwol. Zou ik straks geen last meer van hebben van dat condens op het rubber, straks, als de isolatie er in zit?
Voor ik de stof vastzet en afwerk, ga ik eerst kijken wat er gebeurt. Hoe rustiger ik werk, hoe beter ik kan kijken. Zo kan ik elke keer de juiste beslissing nemen. Ik hoorde het vroeger al, van mijn favoriete leermeester op de scheepswerf, waar ik een tijdlang werkte. „Kijk goed, meet goed“, zei hij. Neem de tijd om te kiezen hoe je op de meest luie manier perfect voor elkaar kan krijgen wat je wil bereiken.

Misschien
heet dàt wel
„Duurzaamheid“…

Kijk goed en schat in
wat je kracht is en
wat er voor je ligt,
zoals een leeuw
voor hij een sprong maakt.
Lui en sterk tegelijk.

Ik heb mijn leven lang geoefend. Het heeft even geduurd, maar nu begin ik die levenshouding toch meester te worden. Geloof ik. Het timmeren van een wagen is veel meer dan alleen planken vastschroeven. Dàt weet ik in elk geval zeker.

.

.

bouwen-zaagklaar-maken-kl-frm..

Na dit verhaal heb ik een groot stuk van het plafond bedekt met schapenwol. Daarna heb ik drie ochtenden gekeken. Achter de isolatie is geen condens. Alleen bij de randen van de wol was het dak nat, bij de grens van het onbedekte gedeelte. Verscheidene keren zeiden mensen me: “Moet je geen dampdoorlatend folie toepassen? Dat hoort wel zo.” Dampdoorlatend folie is plastic met gaatjes erin. Ik geloof dat alle bouwvakkers het gebruiken. Bij schapenwol hoeft dat niet. Het mooie van schapenwolisolatie is juist dat het dertig procent vocht kan bevatten voor het zijn isolerende waarde verliest. Plastic ertussen stoppen zou zonder zijn. Een groot deel van de werking zou verloren gaan.

.

.

Foto’s van de binnenkant

.bouwen-woonwagen-alowieke-voorkant-kl-frm

Eerst ga ik er vier voordeurtjes in zetten. Twee boven en twee onder. Ook in de deurtjes komt isolatie van schapenwol en ook nog raampjes van dubbel acrylaat, oftewel plexiglas.

.

 

bouwen-binnen-2

Mijn huis is nu een werkplaats. Het is van binnen veel ruimer dan je in eerste instantie zou denken. Overal zijn al plankjes zodat je makkelijk ergens wat neer kan leggen.

.

bouwen-binnen-3

Deze ramen zijn ook van plexiglas. Ik wilde eerst echt glas doen, omdat het materiaal puurder is. Maar plexiglas is veel lichter en bovendien is het isolerend. Er komt geen condens op en daarmee voorkom ik een hoop problemen.

.bouwen-binnen-4

Het daklicht werkt geweldig goed. Zeker als straks de binnenkant wit gestoffeerd is. Wat een fijn holletje wordt dat.

.

bouwen-binnen-5

Tussen de dakspanten komt ook nog schapenwol. Wat je nu ziet is het dakrubber, dat aan de bovenkant groen geschilderd is. Anders wordt het in de zon zo heet, dat je het niet meer aan kan raken.

.

bouwen-binnen-7De schapenwolisolatie wordt ongeveer acht centimeter dik. Het komt rechtstreeks van de rol en ik moet het nog uitpluizen, omdat het in elkaar gedrukt is. Dat is nog best een heel werk. Maar een keer doen als het buiten koud is en regent.

Al met al ben ik heel tevreden, alles is geworden zoals ik hoopte. Er zijn nog een paar vraagstukken, bijvoorbeeld: Rekt het dakrubber niet uit? Om die reden heb ik het nog niet definitief vastgezet. Dan kan ik er in de lente eventueel een extra laag onderplakken, die níet uitrekt. Aan het dak kan ik ook verderwerken als de binnenkant al klaar is, en ik er al ben ingetrokken. Dus dat is voorlopig het doel, daaraan te werken. Rustig maar gestadig ga ik voort..

Hoe straks verder

.

bouwen-boomhuttendorp-kl-frm

.

In het begin wist ik het zeker. Ik ga trekken met mijn woonwagen, met een trekker ervoor. Of, nog veel romantischer, met paarden. Ik wilde mooie plekken opzoeken in de natuur, landschappen onderzoeken, mensen interviewen en over dit alles schrijven en het vorm geven in een landschapsboek met prachtige afbeeldingen en verhalen. Er zou iemand bij me zijn die ik graag mocht en met wie ik dit samen kon doen. Misschien wel meer mensen. We zouden zingen bij zonsondergang om de avond in te luiden.

Een idee groeit met de tijd, of het vormt zich tot iets anders. Deze droom is erg specifiek. Bovendien heeft er zich niemand aangediend met dezelfde plannen. Of dit het wordt is dus de vraag.

Waar gaat het dan wel heen? Dat ligt eraan. Het kan iets gezamelijks worden, wat langzaam groeit.

Ik houd van een goed gesprek en luister graag, als ik er de tijd voor kan nemen. Ik houd zielsveel van de natuur. Ja, alleen timmeren en tuinieren is fijn, maar samen is leuker. Het kan zo inspirerend zijn! We kunnen met elkaar een veldkeuken op zetten en experimenteren met eetbare planten.
Ik zie het voor me. De pot hangt boven het vuur. Erin pruttelt een dikke geurige soep. We plukten alles vers uit een weelde van groen en groeven een paar knollen uit de vochtige grond. Terwijl we roeren in de dampende grote pan, genieten we in het schemerlicht. Naast het vuur op de grond ligt een hamer, een keurig opgeschoten touw en een spade. Wat hebben we heerlijk gewerkt vandaag. Moe en tevreden kijk ik naar de mensen om het vuur. Iedereen deed zijn best. Wat hebben we er weer wat moois van gemaakt vandaag.

Wat is het? Wat zie ik daar schemeren vanuit de toekomst? Misschien is het wel het boomhuttendorp, waar zoveel mensen van dromen. Misschien heeft een andere groep weer een stuk voedselbos aangeplant, jong en pril nog, maar tjokvol diversiteit. Ooit dan zijn we daar en genieten we van avonden vol poëzie, muziek en dans en verhalen.

.

bouwen-goot-en-dak-kl-frm-10

.

Nu ben ik veel alleen. Dat is om iets heel nieuws te bouwen, wat nog niet bestaat. Dat moet ook wel alleen, in rust. Het bouwen van mijn eigen huisje vraagt volle concentratie en heel veel discipline. En net als muziek niet kan bestaan zonder rusttekens, zo kan ik niets voortbrengen zonder stilte. Stilte is als de lucht die ik inadem, die ik nodig heb om te kunnen spreken en bewegen en het meest nog, om te slapen. En als ik niet slaap, dan laat ik alles vallen en snap ik er niks meer van. Jarenlang leefde ik met chronische slapeloosheid. Een kwelling was het. Goddank is die tijd voor bij. Hoe ouder ik word, hoe beter ik mijn energie kan gebruiken. Voor wat? Waar zal het zijn, waar ga ik heen? Wie zal ik ontmoeten? Ik weet het niet.

Gelukkig is Dick er. Met Dick heb ik elke avond inspirerende gesprekken aan de telefoon. In de weekends komt hij vaak en ook mijn buren zijn er dan en het is heerlijk om met ze te filosoferen.

Ja, ik ga op pad als mijn nieuwe wagen af is, ergens in de lente, of in de zomer. Maar hoe? Misschien lààt ik me wel trekken, daarheen waar ik nodig ben.

Morgen bouw ik verder aan de wagen. Ik ben nog lang niet klaar. Ik moet nog zestien deurtjes maken vier voor de voordeur, vier voor de achterdeur, vier luiken links voor de ramen en vier rechts. En ik moet ook nog vijf luiken in de vloer monteren. Reken maar uit hoeveel scharnieren dat zijn! En ik moet het bed nog maken, de isolatie bijwerken, de wanden afwerken, de elektra een plek geven, de goten ophangen en het dak egaliseren. En ook wil ik regelmatig even uitrusten en niks doen. Zo. Nou kan ie wel weer.

Dus al lijkt het nu snel te gaan, het duurt nog wel even voor het klaar is!

.

 

OPROEP VOETNOTEN, “Het laatste boek van de Plank”.

Ik vind de voetnoten heel leuk, maar nu zijn ze op! Wie vind het leuk wat te schrijven? Het werkt zo.

Kies je lievelingsboek, maak er een foto van. Leg het boek op de grond tussen je blote voeten, net zoals de foto hierboven. De vroege ochtendzon of in de avond, het zijn mooiste tijdstippen voor een foto.

Schrijf kort waarom je het zo mooi vindt.

Zoek een alinea die je aanspreekt en zet die erbij.

Stuur het naar tt.alowieke@gmail.com.

.

.

bouwen-boomhuttendorp-kl-frm

PS… Ik kan dat landschapsboek natuurlijk ook maken

op plekken waar ik me heen laat trekken…

Duikelend de vrijheid in

.

.

-kunstzwemmen-duikelend-de-vrijheid-in-kl-frm

.

.

Ik haal diep adem voor ik onder water duik. Ik tel tot acht terwijl ik met stevige slagen vooruit zwem. Ik weet dat de anderen hetzelfde doen. Dan duikel ik naar voren, tot ik met mijn buik omhoog lig en luister naar de muziek. Die is goed te horen onder water, door de speciale luidspreker, die eruit ziet als een kunststof plaatje. Ik blijf tellen. Als ik weer bij èèn ben gil ik hard. In het water draagt het geluid ver. Mijn medezwemsters kunnen me goed horen. Nu komt het balletbeen. Allemaal tegelijk steken we ons rechterbeen omhoog, de tenen komen net boven water uit, strak gestrekt. We spannen al onze spieren zodat we langzaam omhoog komen. Boven water belichten de theaterlampen acht meisjesbenen, die ver boven het water uit steken.

Als kind deed ik jarenlang aan kunstzwemmen. Dat is eigenlijk dansen in het water. Ik genoot ervan, om vrij als een dolfijn te zijn, en het gevoel te hebben dat ik kon vliegen. Als we even niks hoefden ging ik in mijn eentje en leefde me uit met allerlei capriolen die we helemaal niet hadden geleerd en die ook geen naam hadden. Maar ook synchroonzwemmen was heerlijk. De tijd bestond uit niks anders dan water, ritme, de muziek en wij.

Vandaag op deze stille herfstdag moet ik daar aan denken. Ik heb een dagje vrij genomen om eens rustig mijn gedachten te laten gaan, zonder iets te moeten en zonder te weten waar het toe zal leiden. En nu komt er dit in me op.

Soms denk ik, misschien ben ik wel niet alleen aan het werk. Misschien deel ik deze stille, o zo productieve tijd wel met anderen. Wellicht is dat wat ik doe onderdeel van iets groters, wat ik niet kan overzien. Dan zwemmen we met onze ogen dicht door het water, allemaal tegelijk als een groep dolfijnen. We hebben sterke getrainde lichamen, zodat we direct kunnen reageren op het signaal. Er zijn jongeren en ouderen, maar iedereen is er klaar voor en weet wat hij of zij moet doen. Vrije mensen, verbonden door het Onnoembare.

Van de week schoot dit lied me te binnen. Zomaar. Ik zong het voor het eerst toen ik achttien was, bij een protestmars, tussen duizenden anderen. Het lied voor de vrije geest.

.

Op een wagen van het slachthuis
stond een kalf met gebogen kop,
In de blauwe lucht daarboven
zocht een zwaluw de vrijheid op

refr.
En de aarde draait maar
met al haar ach en wee
En het windje waait maar
en voert de zwaluw mee
Donna donna donna, donna,
donna donna donna, don
donna donna donna donna,
donna donna donna don

Klaag niet zei de wagenvoerder
niemand dwingt jou een kalf te zijn
had je vleugels als een zwaluw
was je even vrij als hij

refr.

Kalf’ren worden vastgebonden
en in ’t abattoir geslacht
Leer dus als je vrij wilt blijven
zelf vliegen op eigen kracht

Refr.

..

VOETNOOT

Het laatste boek van de plank, van Judith Bark

voetnoot-judith-bark

.

Dit boek is tegelijk beklemmend doordat de vrouw letterlijk in een soort vissenkom zit, en tegelijkertijd lijkt het me ook een uitdaging. Ik vind het mooi hoe ze zich aanpast en bezig is met èèn ding.. elke dag overleven..maar daardoor heeft ook alles wat ze doet zin…

” Op zesentwintig april bleef mijn wekker stilstaan. Ik zat een overhemd te zomen toen het tikken ophield. eerst merkte ik het niet eens, dat wil zeggen, ik merkte alleen dat er iets was veranderd. Pas toen de kat haar oren spitste en haar kop naar het bed draaide, hoorde ik ook bewust de nieuwe stilte. De wekker was gestorven. Het was de wekker die ik in de hooggelegen jachthut op mijn tocht naar het aangrenzende dal had gevonden. Ik nam hem in mijn handen, schudde hem, hij zei nog een keer tik-tak en toen was het definitief met hem gedaan. Ik schroefde hem met de schaar open.Voor mij zag hij er heel gezond uit. Ik kon geen enkel mankement in zijn raderwerk ontdekken, er was niets kapot en toch wilde hij niet meer tikken. Ik wist meteen dat het me nooit zou lukken hem weer aan de praat te krijgen.Ik liet hem dus maar met rust en schroefde het deksel weer dicht. Het was drie uur s middags , kraaientijd, en dat wees hij vanaf dat moment aan. Ik weet niet waarom ik hem heb gehouden. Hij staat nog steeds naast m’n bed op drie uur.”

Ik vind dit een mooi stukje want hoewel er niet veel gebeurt, is het toch een moment van loslaten. Loslaten van tijd en van de manieren van vroeger toen de klok nog de regels maakte en de dag bepaalde..

.

.

.

OVER HET LIED

Donna donna, of Dana dana werd gecomponeerd door Sholom Secunda en Aaron Zeitlin ter gelegenheid van de theaterproduktie ‘Esterke’ in 1940-1941. Het is gezongen door vele artiesten en is in vele talen vertaald. Joan Baez is één van de bekendste vertolkers. Ook Donovan heeft het gezongen.

.

.

.

.

-kunstzwemmen-duikelend-de-vrijheid-in-kl-frm

 

Een hele verschijning

.

.

bouwen-eindfase-woonwagen

.

.

Dinsdag elf oktober. Als ik wakker word, schijnt de zon met goud licht door het witte gordijn van het keukenraampje. Ik draai me om in bed, om ernaar te kijken. De lakens zijn koud en klam, waar ik niet lig. Gauw trek ik het dekbed op zijn plaats, zodat ik weer onder het warme stuk lig. Ik staar naar boven. Drie vliegen zitten roerloos op het plafond. In de hoek van het bed ligt een zakdoek. Die is Dick zeker vergeten, toen hij gisteren weer terug fietste naar Eindhoven. Over tien dagen is hij er weer.
Hoewel ik weer alleen ben op het veld, voel ik me tevreden. Het is fijn om thuis te zijn. Het was heerlijk op Schiermonnikoog en ik heb genoten van de ruimte en het ongerepte landschap. Ik heb gedanst op stille plekken in de duinen.
Terugkomen was lastig. Het veld was verlaten, zoals bijna altijd. Ik zei wazig gedag tegen de kippen. Er zijn vele zingende roodborstjes, koolmezen die me begroeten in de ochtend, en er zijn muizen die wegschieten tussen de struiken. Er is zelfs een uil, ’s avonds in de schemering. Maar als ik ben weggeweest, dan is dat allemaal niet meer genoeg, dan zie ik het ineens niet meer. Er is iets wilds in mij, dat wil uitbreken en ik vraag me af: „Wat dòe ik hier?! Ga ik hier voor de vijfde maal de winter in mijn eentje doorbrengen? Moet dat nou echt?“

Maar ik weet dondersgoed wat ik hier doe. Ik bouw een wagen. Daar draait het om. Afmaken, tot het rolt. Hoe rustiger ik de dingen aanpak, hoe grondiger en hoe groter de kans van slagen. Het krijgt steeds meer de vorm die ik twee jaar geleden uitgetekend heb.
De wagen staat op een andere plek, en ik heb alles eromheen opgeruimd voor een frisse nieuwe start. Mijn nieuwe huisje straalt in de najaarszon. Nu kan je haar ook van afstand kan bekijken. Soms komt er iemand. „Het is echt een verschijning, ik ben onder de indruk“ zegt èèn van de buren genietend. Ik word warm van het compliment. Het geeft nog mèèr energie dan mijn favoriete kom havermout.

De laatste loodjes kunnen zwaar zijn. Er is veel werk aan de wanden, het dak, de luifel en de twee goten. En natuurlijk werken we aan het verplaatsbare systeem van zonnepanelen. Veel is boven het hoofd.

Om met het dak bezig te gaan, ga je binnen op de werktafel staan. En dan moet je jezelf tussen de dakspanten door zien te wurmen, tot je er met je borst en schouders boven uitsteekt. Je staat dan klem en je kan je niet meer omdraaien. Als je dat wilt, dan moet je eerst weer terug.
Of je neemt de trap. Er is een uitklaptrap die altijd wiebelt. Die ga ik op en af, soms dag na dag. Nu en dan laat ik iets vallen. Dan klauter ik naar beneden en weer naar boven. Maar ik heb het er allemaal voor over. Want o, wat wordt het mooi! Het wordt mooier dan ik had kunnen bedenken…

Ik ga nu eerst de ramen erin zetten, voor het gaat regenen. En zo blijven we keuzes maken, de ene na de andere…

 

.

.

De reis

 

.

De reis

.

 

Het is alleen maar een foto. Een hotelkamer met uitzicht op een baai en een zee van groen. „”Dit is het paradijs!“ schrijft een vriend van mij. Er zwelt een wild verlangen in mij op om ook op pad te gaan. Weg in de trein of me laten inschepen en weelderige vreemde verten ontdekken. Al sinds ik het ouderlijk huis verliet, ben ik zelden Nederland uit geweest. Ik adem diep in en uit. Ik weet, ik blijf wèèr. Het komt nog wel, die reis. Ooit komt het, als ik zover ben.

Soms heb ik het er even moeilijk mee. Ik zou in èèn dag op de prachtigste plekken kunnen zijn. Ik zou ervan kunnen proeven, als van een heerlijke exotische vrucht. Maar blijf ik hier. Rustig zet ik mijn ene voet voor de andere. Het pad is van mij, het is mìjn pad.

Ik zie flitsen van verleidingen. Ik zie een schitterende deur met het aanlokkelijke tafereel van een breed strand en grote zeemeeuwen in blauwe lucht. Ik zou het kunnen doen, o… zal ik? Nee, ik doe het niet. Ik ga er niet doorheen, niet nu. Ik knijp mijn ogen dicht en negeer de mooie deur. Dan voel ik een windvlaag om mijn gezicht en doe mijn ogen weer open. Een houtduif fladdert tussen de takken, kleine kikkers schieten voor me weg en egeltjes snuffelen in de schemering op het natte gras. Ik kijk naar de grond onder mijn voeten, zorg dat ik niet op een grappig spinnetje ga staan.
De weg die ik ga is niet vanzelfsprekend. Welke poort is voor mij bestemd? Deze is het niet in elk geval. Ach, waarom zou ik me haasten. Ik ben waar ik ben. Als ik een nieuwe keus moet maken, dan zal ik het weten.

Ik werk aan de wagen, dag in dag uit. Al is het maar een paar uurtjes, als ik moe ben. Af en toe komt iemand kijken. „Wat wordt het mooi!! En ga je daar straks mee de wereld in?“ vragen ze enthousiast. Ik lach. „Nou, nog niet meteen hoor. Ik heb geen rijbewijs, ben geen held op de weg en met paarden heb ik ook totaal geen ervaring. Het zal nog wel even duren…“ En ik staar in de verte.

Wil ik dat wel, alles zelf doen? Ik doe al zoveel alleen… Ik kan me straks ook van project naar project laten rijden, elke keer door een ander. Dat kan heel gezellig zijn. En dan hoef ik niet trekker te leren rijden, dan heb ik voorlopig geen paarden nodig. Waar ik ben, kan ik verslag doen van wat ik zie en hoor. Ik kan er verhalen over schrijven en tekeningen maken. Ik kan helpen met bouwen, tuinieren, helpen keuzes maken. En eigenlijk… ik zou zo graag samen musiceren, teksten op muziek zetten en meerstemmig zang.

Ach, voorlopig zijn het dromen. Ik zie wel wat er komt en wanneer. Nu ben ik hier. En ik bouw mijn kleine lieve huis, op wielen.

De karavaan

.

.karavaan

.

Ooit had ik een droom.
Ik zag een karavaan
van woonwagens,  ze reden
door het ganse land
een kleurrijke stoet zag ik gaan
en waar de groep ook kwam
daar boden ze helpende hand

Ze reisden door van plek naar plek
bouwden, sjouwden, gaven raad.
Er waren tuinders en techneuten
ze deelden zonnestroom en zaad
en allen
speelden muziek in de avond
en dansten

Het begint bij jezelf.

blogtek Hoera Vakantie!

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

Ik ben de bouwer en de tuinvrouw
de muzikant, de danseres,
de kokkin en de verteller

Met grond tussen mijn tenen
en verf aan mijn vingers
deel ik de karavaan
met tal van lieve vreemden
ergens, waar dan ook

De karavaan is nooit verdwenen
hij rolt op rare wielen
wandelt voort op wonderbenen
de droom gaat almaar verder rond
van luisterend oor tot open mond

Vanuit het afscheid van wat was
groeit wat nu al wordt gedacht
Alles is in wording
en groen is ook het gras
aan deze kant van de gracht

 

Ja

.

.

DE BOUW VAN DE WAGEN

.

.

VOETNOOT

Het laatste boek van de plank van Dick Verheul

voetnoot-dick-momo

.

Momo en de Tijdspaarders van Michael Ende vind ik een prachtig verhaal, omdat het enerzijds sprookjesachtig en wonderlijk is, en tegelijk heel herkenbaar. Sprookjes spelen zich elke dag af, als je er op let. Het gaat over geheimzinnige grijze heren, een soort bankiers, die de mensen aanmoedigen tijd te sparen. Ze zullen het later met rente terugkrijgen, is de belofte.  “Verspilt u voor alles uw kostbare tijd niet meer zo vaak aan zingen, lezen, of aan uw zogenaamde vrienden,” zegt een grijze man tegen kapper Fusi.

“Goed”, zei meneer Fusi, dat kan ik allemaal doen, maar de tijd die ik
op  deze manier overhoud – wat moet ik daarmee doen? Moet je die
inleveren? En waar? Of moet ik die bewaren? Hoe gaat dat allemaal
in zijn werk?”
“Daarover”, zei de grijze heer en glimlachte voor de tweede keer
flauwtjes, “moet u zich maar geen zorgen maken. Dat kunt u rustig
aan ons overlaten. U kunt er zeker van zijn, dat van uw bespaarde
tijd niet het kleinste beetje voor ons verloren gaat. U zult het wel
merken, dat er niets voor u overschiet.”



Het loopt trouwens goed af.

.

.

De bedoeling van de “Voetnoot”:

1 Fotografeer bij zonsondergang of zonsopgang het boek, dat al jouw opruimacties zal doorstaan, dus het laatste  boek van de plank. Leg het tussen je blote voeten.
2 Vertel waarom je het boek zo mooi vindt.
3 Zoek een favoriete passage uit.

Stuur het op naar tt.alowieke@gmail.com

.

.

.

.

karavaan

.